241345 - Behandeling van een al dan niet beklemde tweezijdige liesbreuk

241345

Gehospitaliseerd
Behandeling van een al dan niet beklemde tweezijdige liesbreuk

Hoofdstuk V. Speciale technische geneeskundige verstrekkingen - Afdeling 5. Heelkunde - Art. 14. Worden beschouwd als verstrekkingen waarvoor de bekwaming is vereist van geneesheer, specialist voor één van de disciplines die tot de uitwendige pathologie behoren - d) de verstrekkingen die tot het specialisme heelkunde (D) behoren : verstrekkingen inzake heelkunde op het abdomen - Heelkundige verstrekkingen via laparoscopie : Behandeling van een al dan niet beklemde tweezijdige liesbreuk

HoofdstukCH05 - Hoofdstuk V. Speciale technische geneeskundige verstrekkingen
ArtikelArt. 14. Worden beschouwd als verstrekkingen waarvoor de bekwaming is vereist van geneesheer, specialist voor één van de specialismen die tot de uitwendige pathologie behoren
Subartikel14d - d) de verstrekkingen die tot het specialisme heelkunde (D) behoren : verstrekkingen inzake heelkunde op het abdomen
Groep NN23 - Heelkunde op het abdomen
CategorieCodenummer nomenclatuur
Sector
Geldig van1995-10-01
Geldig tot2011-12-31
SleutelletterN (N000) x 400 = -
Waarde: -
Basistarief-
Korte omschr.LS.CHIR.1/2 LIESBR.
Overeenstemmend241334

Geen tarieven beschikbaar.

Geen cumulatieregels bekend voor dit codenummer.

A01§01 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

§ 1. Elke verstrekking wordt in deze nomenclatuur aangeduid met een rangnummer vóór de omschrijving van de verstrekking.

A01§02 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

§ 2. De omschrijving van elke verstrekking wordt gevolgd door een sleutelletter :

de sleutelletter is N voor de adviezen, bezoeken door en raadplegingen bij welke arts of tandheelkundige ook, alsmede voor sommige technische verstrekkingen van doctors in de genees-, heel- en verloskunde,

D voor de beschikbaarheid,

E voor de verplaatsing van de algemeen geneeskundige met verworven rechten of erkend huisarts,

B en F voor de verstrekkingen inzake klinische biologie en de verstrekkingen inzake nucleaire geneeskunde in vitro,

K voor de andere technische verstrekkingen van doctors in de genees-, heel- en verloskunde,

A en C voor het toezicht door welke arts ook op een in een ziekenhuis opgenomen rechthebbende,

I voor de percutane interventionele verstrekkingen onder medische beeldvormingscontrole,

L voor de technische verstrekkingen van tandheelkundigen,

V voor die van vroedvrouwen,

M voor die van kinesitherapeuten

en W voor die van verpleegsters en verzorgingspersoneel;

de sleutelletter is Z voor de verstrekkingen welke tot de bevoegdheid behoren van opticiens,

S voor die welke tot de bevoegdheid behoren van gehoorprothesisten,

Y voor die welke tot de bevoegdheid behoren van bandagisten,

T voor die welke tot de bevoegdheid behoren van orthopedisten,

U voor die welke tot de bevoegdheid behoren van verstrekkers van implantaten,

R voor die van de logopedisten

en Q voor het bijkomend honorarium van iedere geaccrediteerde arts of van iedere geaccrediteerde apotheker-bioloog of van iedere geaccrediteerde licentiaat in de wetenschappen erkend door de Minister die de Volksgezondheid in zijn bevoegdheid heeft om verstrekkingen inzake klinische biologie te verrichten.

Die sleutelletter komt vóór een coëfficientgetal dat de betrekkelijke waarde van elke verstrekking aangeeft.

A01§03 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

§ 3. De sleutelletter is een teken waarvan de waarde in euro bij overeenkomst wordt bepaald: deze waarde kan voor elke sleutelletter verschillen.

A01§04 SECONDARY

§ 4. Op elke nota, opgemaakt ter staving van het verrichten van één of andere verstrekking, moet het in § 1 bedoelde rangnummer vermeld worden.

A01§04bIIA SECONDARY

II. CATEGORIEEN VAN VERSTREKKINGEN.

A. VERSTREKKINGEN DIE DE FYSIEKE AANWEZIGHEID VAN DE arts VERGEN :

a) de in artikel 2 vermelde raadplegingen en bezoeken;

b) het in artikel 25 bedoelde geneeskundig toezicht op de in een ziekenhuis opgenomen rechthebbenden;

c) de therapeutische verstrekkingen, vermeld onder de volgende rubrieken:

artikel 2,

de gewone geneeskundige hulp in de artikelen 3 en 5,

de algemene speciale verstrekkingen in artikel 11 (met uitzondering van de verstrekkingen 350372-350383, 350276-350280, 350291-350302, 350394-350405 en 350416-350420),

de heelkundige verstrekkingen in de artikelen 14 (met uitsluiting van de vernieuwing van de gipstoestellen) en 16,

de röntgendiagnostische verstrekkingen in artikel 17,

de verstrekkingen inzake radiumtherapie en inzake behandeling met radioactieve isotopen (waar het gaat om de toediening ervan) in artikel 18,

de verstrekkingen inzake inwendige geneeskunde in artikel 20,

de verstrekkingen inzake dermato-venereologie in artikel 21 met uitsluiting van de PUVA-behandeling;

d) de in artikel 12 vermelde verstrekkingen alsmede de installatiefase van de in artikel 13 vermelde invasieve reanimatieverstrekkingen met uitsluiting van het toezicht op laatstgenoemde verstrekkingen;

e) de verlossingen, onverminderd die welke wettelijk zijn voorgeschreven voor de vroedvrouwen of die door dezen worden verricht, en de therapeutische verloskundige handelingen die daaruit kunnen voortvloeien, vermeld in artikel 9;

f) de invasieve diagnostische verstrekkingen die worden verricht onder meer met catheters, endoscopen, gelijk welk instrument voor intracavitaire of intravasculaire metingen, trocarts (met uitsluiting van de puncties voor bloedafnamen) alsmede de afnamen van weefsels in de diverse medische specialismen die zijn bedoeld in de artikelen 3, 11, 14, 17, 20, 21 en 24;

g) de in de artikelen 17bis en 17quater opgenomen echografieverstrekkingen en de in artikel 17 vermelde verstrekkingen inzake röntgendiagnose die kinetische studies of het toedienen aan de zieke van contrastmiddelen, tracers of geneesmiddelen omvatten;

h) de in artikel 18, § 2 opgenomen functionele tests en scintigrafieën met toediening van gemerkte produkten, waarvan het verloop kan veranderen door de vaststellingen welke door de arts-verstrekker in de loop van de uitvoering worden gedaan;

i) de functionele proeven met risico's zoals de krachtinspanningsproeven in cardiologie (artikel 20) en de provocatietests (artikelen 11, 14, 20 en 21);

j) de verstrekkingen inzake elektrodiagnose zoals de elektrodiagnose van streken en de elektromyografie door middel van een naaldelektrode bedoeld in de artikelen 14, 20 en 22.

Voor die verschillende types van verstrekkingen moet de arts bij de zieke aanwezig zijn en de verstrekking verrichten ofwel alleen, ofwel in aanwezigheid van gekwalificeerde helpers wier ingrepen hij leidt.

k) de verstrekking 558773 – 558784 (vertebrale manipulaties) opgenomen in artikel 22, II, a), 1°, en de verstrekking 558950 – 558961(intakeonderzoek) opgenomen in artikel 22, II, a), 2°.

A01§04b_II SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

Fysieke aanwezigheid van de arts-verstrekker.

§ 4bis.

II. CATEGORIEEN VAN VERSTREKKINGEN.

B. Verstrekkingen waarvan een technisch gedeelte van de uitvoering kan worden toevertrouwd aan gekwalificeerde helpers onder het uitdrukkelijk voorbehoud dat de arts-verstrekker onmiddellijk kan ingrijpen als dat nodig is, onder de voorwaarden die hierna zijn opgesomd onder 1 en 2.

1.

a) De in artikel 18, § 1, vermelde verstrekkingen inzake radiotherapie;

b) de functionele tests inzake klinische biologie met inspuiten van geneesmiddelen bij de zieke (artikel 24), de farmacokinetische proeven in het algemeen (artikel 20).

c) de meting van de "evoked potentials" (E.P.) en van de "event related potentials" (E.R.P.) bedoeld in de artikelen 14, 20 en 22.

Voor de onder B, 1, a) en b) bedoelde verstrekkingen mag de arts-verstrekker het toezicht op de zieke tijdens de bestralingsduur (a) of tijdens het verloop van de proef na toediening van het geneesmiddel (b) aan gekwalificeerde helpers toevertrouwen voor zover het gaat om taken waarvan de uitvoering is omschreven door de arts-verstrekker en door de helper gekend is, de arts hem gepersonaliseerde instructies voor elke zieke heeft gegeven en onmiddellijk kan ingrijpen ingeval de helper hem roept.

Voor de types van verstrekkingen a), b) en c) moet de arts aanwezig zijn in de dienst waar de verstrekking wordt verricht, moet hij op ieder ogenblik kunnen worden opgeroepen en moet hij terstond kunnen ingrijpen. De arts-verstrekker behoort voor elk geval afzonderlijk te oordelen of hij in de kamer moet blijven waar de zieke zich bevindt dan wel of hij in de naburige lokalen mag vertoeven.

2.

a) De verstrekkingen inzake klinische biologie (artikelen 3 en 24, behalve de functionele tests, bedoeld onder littera B, 1, b) van deze paragraaf), inzake nucleaire geneeskunde in vitro (artikel 18), inzake pathologische anatomie (artikel 32), inzake antropogenetica (artikel 33);

b) de radiografieën voor rechtstreeks onderzoek en zonder contrastmiddel van het hoofd, van de hals, van de thorax en van het abdomen, alsmede van de verschillende streken daarvan en van het osteo-articulair stelsel, en de tomografische onderzoeken die daarop betrekking hebben, bedoeld in artikel 17;

c) de metingen inzake densitometrie bedoeld in de artikelen 17 en 18, de metingen van de totale radioactiviteit van het menselijk lichaam alsmede de functionele tests en de scintigrafieën bedoeld in artikel 18, met uitsluiting van die welke zijn bedoeld onder littera A, h) van deze paragraaf.

d) de in de artikelen 13 en 20 vermelde functionele tests inzake pneumologie en gastronterologie;

e) de in de artikelen 3 en 20 vermelde diagnostische verstrekkingen die de registratie van elektrische signalen van verschillende organen omvatten, zoals met name : elektrocardiogram, Holterregistratie, elektro-encefalogrammen van diverse aard al dan niet met stimulatie, oppervlakteelektromyografie, polygrafie en polysomnografie;

f) de in de artikelen 14 en 20 opgenomen diagnostische verstrekkingen die de registratie omvatten van uitgezonden of waargenomen geluidssignalen;

g) de in de artikelen 21 en 22 vermelde therapeutische verstrekkingen die de emissie van fotonen of elektronen omvatten en de in artikel 22 opgenomen baden, toepassing van waterige suspensies en mobiliserende behandelingen;

g) de PUVA behandelingen en de in artikel 22, II, a), 2°, en b), opgenomen verstrekkingen, met uitzondering van de verstrekkingen 558773 – 558784 en 558950 – 558961;

h) het toezicht op de diverse in artikel 20 vermelde types van transfusies van bloed en de derivaten ervan en het toezicht op de diverse in artikel 20 opgenomen types van extrarenale zuivering;

i) het vernieuwen van de in artikel 14 vermelde gipstoestellen.

De onder B, 2, a) tot i) bedoelde verstrekkingen die zijn verricht met de hulp van gekwalificeerde helpers, mogen aan de ziekte- en invaliditeitsverzekering worden aangerekend voor zover de volgende voorwaarden inzake controle op de verstrekkingen inzake fysieke aanwezigheid van de arts-verstrekker vervuld zijn.

a) Voorwaarden inzake controle op de verstrekkingen.

De arts-verstrekker moet :

- zich vergewissen van de kwalificatie van zijn medewerkers, hun feitelijke bekwaamheid, hen de aanvullende opleiding geven die nodig is voor de methodes en de werking van de toestellen die hun worden toevertrouwd;

- schriftelijke instructies opstellen voor alle manipulaties en technieken die hun worden toevertrouwd;

- de manier waarop zijn gekwalificeerde helpers de instructies volgen, geregeld controleren;

- de voorwaarden vastleggen en controleren waaraan de aanvragen om onderzoeken moeten voldoen omdat zijn gekwalificeerde helpers het hun toevertrouwde gedeelte kunnen beginnen uitvoeren;

- ervoor waken of de voorwaarden waaronder de technieken op de patiënten worden toegepast, adequaat zijn, of de voorwaarden betreffende het afnemen en bewaren van de monsters correct zijn;

- kwaliteitscontroles invoeren en de resultaten ervan nagaan;

- ter beschikking staan voor ieder verzoek van zijn gekwalificeerde helpers ingeval laatstgenoemden moeilijkheden ondervinden bij het uitvoeren van de handelingen die hun zijn toevertrouwd;

- de kwaliteit van het werk van de gekwalificeerde helpers geregeld analyseren;

- voor alle diagnoseverstrekkingen een protocol opmaken met het resultaat en de elementen die nodig zijn voor de interpretatie ervan, om de behandelend arts behulpzaam te zijn voor de diagnose of de behandeling van de zieke. De verstrekkingen die, ten gevolge van wisselvalligheden in de uitvoering ervan, geen betrouwbare resultaten zouden hebben opgeleverd, mogen aan de ziekte- en invaliditeitsverzekering niet worden aangerekend.

b) Voorwaarden inzake fysieke aanwezigheid van de arts-verstrekker.

De arts-verstrekker moet aanwezig zijn in de dienst of in de andere diensten van de inrichting waar zijn aanwezigheid vereist is in het raam van zijn medische activiteit in die inrichting. Hij moet bovendien op elk ogenblik door zijn gekwalificeerde helpers kunnen worden opgeroepen. Onder "inrichting" wordt verstaan, ziekenhuis voor de ziekenhuisarts, polikliniek voor de arts met een groepspraktijk in de ambulante sector of lokalen die zijn spreekkamer vormen, voor de alleenstaande praktizerende.

Die voorwaarden inzake aanwezigheid en beschikbaarheid impliceren:

1. dat de arts in de inrichting aanwezig is voor de therapeutische handelingen, tijdens de volledige duur van het werk van zijn gekwalificeerde helpers en voor de diagnostische handelingen, tijdens de duur van het werk van de meeste van zijn helpers, dat wil zeggen tijdens de normale werkuren in de inrichting;

2. dat hij buiten de werkuren kan worden opgeroepen, met name 's nachts ingeval in de inrichting een wachtdienst met gekwalificeerde helpers is georganiseerd;

3. dat hij tijdens de weekeinden en op de feestdagen aanwezig is gedurende de perioden van de dag waarin het merendeel van de handelingen wordt verricht;

4. dat de maandelijkse lijst van de artsen-specialisten die kunnen worden opgeroepen en in de weekeinden en op de feestdagen aanwezig zijn, wordt neergelegd bij de hoofdarts van de verpleeginrichting of dat de lijst van de praktizerenden wordt neergelegd bij de arts die belast is met de organisatie van de groepspraktijk; die lijsten moeten gedurende de termijn, bepaald in artikel 1, § 8, worden bewaard en ter beschikking zijn van de controle-organen.

De voorwaarden inzake controle op de verstrekkingen en de voorwaarden inzake fysieke aanwezigheid van de verstrekker welke betrekking hebben op de verstrekkingen inzake klinische biologie (artikelen 3 en 24) en nucleaire geneeskunde in vitro (artikel 18) bedoeld onder het punt II, B, 2, a), zijn eveneens van toepassing op de verstrekkingen verricht door apothekers biologen en licentiaten in de wetenschappen bedoeld in de artikelen 3, § 3, 19, § 5bis en 24, § 5.

A01§04t SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

Honoraria van de arts-stagemeester en de stagedoend arts.

§ 4ter.

1. In de gespecialiseerde geneeskunde.

a) Tijdens de normale diensturen in de inrichting moet de stagemeester of een medewerker, arts-specialist voor dezelfde specialisme, die door hem is gemandateerd om de controle te verrichten op de verstrekkingen welke aan de stagedoende artsen zijn gedelegeerd, fysiek aanwezig zijn in de dienst.

b) Buiten de hiervoren bedoelde normale uren moet de stagemeester of een door hem gedelegeerde arts-specialist voor dezelfde specialisme, 24 uur op 24 kunnen worden opgeroepen door de stagedoende arts die de wachtdienst intra muros verzekert en moet hij onmiddellijk te zijner beschikking zijn.

c) Tijdens de weekeinden en op de feestdagen moet de stagemeester of een door hem gedelegeerde arts-specialist voor dezelfde specialisme bezoeken met het oog op de controle op de stagedoende artsen afleggen.

d) De maandelijkse lijst van de artsen, specialisten voor dezelfde specialisme, die elke dag kunnen worden opgeroepen en van de artsen die belast zijn met de controlebezoeken tijdens de weekeinden en op de feestdagen, moet worden neergelegd bij de hoofdarts van de verpleeginrichting; ze moet gedurende de termijn, bepaald in artikel 1, § 8, worden bewaard en ter beschikking zijn van de controleorganen.

Tussen het einde van zijn stage en zijn erkenning tarifeert de arts zelf de handelingen die hij heeft verricht, aan 75 % van het honorarium.

2. In de huisartsgeneeskunde.

De stagemeester tarifeert de handelingen die hij verricht heeft samen met de arts in opleiding.

Wanneer de stagemeester niet fysiek aanwezig is, gebruikt de arts in opleiding de getuigschriften van zijn stagemeester, ondertekent ze, plaatst er zijn naam, zijn stempel en de vermelding "in opdracht van" op, gevolgd door de naam van zijn stagemeester, op voorwaarde dat :

a) ofwel de stagemeester op elk moment telefonisch bereikbaar is;

b) ofwel de stagemeester het toezicht op de arts in opleiding aan een andere huisarts heeft gedelegeerd.

Tussen het einde van zijn stage en zijn erkenning tarifeert de arts zelf de handelingen die hij heeft verricht, aan 75% van het honorarium.

Hetzelfde geldt wanneer de stagedoende arts activiteiten verricht buiten die welke hem door zijn stagemeester zijn toevertrouwd.

In de omstandigheden beschreven onder punt b) ondertekent de stagedoende arts getuigschriften voor verstrekte hulp van de stagemeester, waarbij hij tevens zijn eigen naam vermeldt en zijn eigen stempel plaatst, en de vermelding "in opdracht van .... (naam van de stagemeester)

A01§08 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

§ 8. Onverminderd de bewaringstermijnen die door andere wetgevingen of door de regelen van de medische plichtenleer zijn opgelegd, moeten de verslagen, documenten, tracés en grafieken waarvan sprake is in de omschrijvingen in deze nomenclatuur, alsmede de verslagen, documenten, tracés en grafieken waarvan sprake is in het hierna volgende lid, evenals de protocollen van radiografieën en van laboratoriumonderzoeken, gedurende ten minste vijf jaar worden bewaard. De gegevens moeten onmiddellijk beschikbaar zijn voor de controles die bij de wet vastgelegd zijn.

Voor de verstrekkingen waarvoor in de omschrijving niet duidelijk een verslag, een document, een tracé, een grafiek wordt gevraagd, moet in het dossier worden aangetoond dat de verstrekking is uitgevoerd.

A01§10 Bijkomend honorarium SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

§ 10. Een bijkomend honorarium mag voor sommige verstrekkingen worden toegekend als deze worden verricht door een arts of een apotheker-bioloog of een licentiaat in de wetenschappen erkend door de Minister die de Volksgezondheid in zijn bevoegdheid heeft om verstrekkingen inzake klinische biologie te verrichten die de accreditering heeft verkregen onder de voorwaarden en volgens de procedure die zijn vastgesteld in de nationale akkoorden artsen-ziekenfondsen en de overeenkomsten respectievelijk bedoeld in de artikelen 50 en 42 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994.

De arts die zo een accreditering heeft, wordt geaccrediteerde arts genoemd.

De apotheker-bioloog die zo een accreditering heeft, wordt geaccrediteerde apotheker-bioloog genoemd.

De licentiaat in de wetenschappen die door de Minister bevoegd voor Volksgezondheid erkend is voor prestaties inzake klinische biologie en die zo een accreditering heeft, wordt geaccrediteerde licentiaat in de wetenschappen genoemd.

De raadplegingen, uitgevoerd door een geaccrediteerde arts, alsook de psychotherapeutische behandelingen, uitgevoerd door een geaccrediteerde arts-specialist voor psychiatrie, zijn onderworpen aan dezelfde regels als de overeenstemmende verstrekkingen waarin is voorzien voor de niet geaccrediteerde arts.

Het bijkomend honorarium voorzien in deze paragraaf is niet van toepassing voor de bepalingen voorzien in de artikelen 16, § 5 en 26.

A01§11 Tijdsvoorwaarde SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

Tenzij anders vermeld, wordt in deze nomenclatuur voor de verstrekkingen die mogen aangerekend worden door een arts, met de uitdrukking «per jaar» een periode van twaalf maanden bedoeld, van datum tot datum.

A01§12 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

§ 12. In deze nomenclatuur van geneeskundige verstrekkingen wordt beschouwd als :

1° huisarts : de arts die als zodanig wordt erkend door de Minister van Volksgezondheid onder de voorwaarden die door deze laatste worden bepaald;

2° huisarts in opleiding : de houder van een artsendiploma die voldoet aan de bepalingen van het ministerieel besluit van 1 maart 2010 tot vaststelling van de criteria voor de erkenning van huisartsen;

3° huisarts op basis van verworven rechten : de arts die is ingeschreven bij de Orde van artsen en die op 31 december 1994 de algemene geneeskunde uitoefende zonder houder te zijn van een getuigschrift van aanvullende opleiding, afgegeven door de Minister bevoegd voor Volksgezondheid en van wie de toestand niet is geregeld door één van de bepalingen van het ministerieel besluit van 1 maart 2010 tot vaststelling van de criteria voor de erkenning van huisartsen;

4° houder van het artsendiploma : de persoon die overeenkomstig de artikelen 3, § 1, en 25, § 1, van het koninklijk besluit van 10mei 2015 houdende coördinatie van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, de geneeskunde mag uitoefenen, en die niet erkend of in opleiding is als huisarts, noch erkend of in opleiding is als arts-specialist in één van de specialismen vermeld in artikel 10, § 1, van deze nomenclatuur, noch voldoet aan de onder 3° vermelde criteria van huisarts op basis van verworven rechten;

5° arts-specialist : de arts die als zodanig wordt erkend door de Minister van Volksgezondheid onder de voorwaarden die door deze laatste worden bepaald en waarvan het specialisme is vermeld in artikel 10, § 1, van deze nomenclatuur;

6° arts-specialist in opleiding : de houder van een artsendiploma die voldoet aan de bepalingen van het ministerieel besluit van 30 april 1999 tot vaststelling van de algemene criteria voor de erkenning van artsen-specialisten.

A01§13 Kwalificatieregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 01

§ 13. De houder van het artsendiploma heeft het recht voorschriften op te stellen, een raadpleging te attesteren evenals de verstrekkingen waarvoor de nomenclatuur bepaalt dat ze mogen aangerekend worden door elke arts of verstrekkingen waarvoor hij door de minister die de volksgezondheid in zijn bevoegdheid heeft gemachtigd is ze te verrichten.

A10§1 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 10

De in dit hoofdstuk en de in hoofdstuk VII, afdeling I, vermelde verstrekkingen worden door de verzekering ten laste genomen wanneer ze verricht zijn door een geneesheer, die door de Minister van Volksgezondheid erkend is in één van de volgende hoedanigheden welke in de nomenclatuur als volgt zijn aangegeven :

C, specialist voor anesthesie-reanimatie;

D, specialist voor heelkunde;

DA, specialist voor neurochirurgie;

DB, specialist voor plastische heelkunde;

DG, specialist voor gynecologie en verloskunde;

DH, specialist voor oftalmologie;

DL, specialist voor otorhinolaryngologie;

DO, specialist voor urologie;

DP, specialist in de orthopedische heelkunde;

DR, specialist voor stomatologie;

E, specialist voor dermato-venereologie;

FA, specialist voor inwendige geneeskunde;

FG, specialist voor pneumologie;

FH, specialist voor gastro-enterologie;

FJ, specialist voor kindergeneeskunde;

FL, specialist voor cardiologie;

FM, specialist voor neuropsychiatrie;

specialist voor neurologie;

specialist voor psychiatrie;

FO, specialist voor reumatologie;

specialist voor geriatrie

O, specialist in de fysische geneeskunde en de revalidatie

specialist voor functionele en professionele revalidatie voor gehandicapten;

P, specialist voor klinische biologie;

R, specialist voor röntgendiagnose;

X, specialist in de radiotherapie-oncologie;

specialist voor medische oncologie

XN, specialist voor nucleaire geneeskunde;

A, specialist voor pathologische anatomie.

specialist voor urgentiegeneeskunde

specialist voor acute geneeskunde.

A10§2 Kwalificatieregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 10

§ 2. De raadplegingen en bezoeken door specialisten, alsmede hun eventuele bijkomende honoraria, de in de hoofdstukken IV, artikel 9, c), V, VII, afdeling I en VIII, vermelde verstrekkingen komen, binnen de in artikel 1, § 4ter, vastgestelde perken, eveneens ten laste van de verzekering wanneer ze verricht zijn door een geneesheer die beschikt over een stageplan dat door de bevoegde erkenningscommissie is goedgekeurd en de administratie van Volksgezondheid aan het R.I.Z.I.V. kennis heeft gegeven van die goedkeuring.

De interne bescheiden van de dienst moeten het mogelijk maken de stagedoende geneesheer die de verstrekkingen onder de in artikel 1, § 4ter, vastgestelde voorwaarden heeft verricht, te identificeren.

A10§3 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 10

§ 3. De Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering publiceert de lijst van de in de §§ 1 en 2 van dit artikel bedoelde geneesheren. De geneesheren die op 31 december 1963 voorkomen op de door het Rijksfonds voor verzekering tegen ziekte en invaliditeit gepubliceerde lijsten van specialisten, zonder de erkenning van de Minister van Volksgezondheid te hebben verkregen bedoeld in § 1, worden vanaf 1 januari 1964 beschouwd als een in § 2 bedoeld stagedoend geneesheer : de bepalingen van deze laatste paragraaf zijn op hen toepasselijk

A10§4 SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 10

§ 4. De handelingen die verwant zijn met de uitoefening van een bepaald specialisme, worden eveneens gehonoreerd wanneer ze verricht zijn door een als specialist voor dat specialisme erkend geneesheer met in achtneming van de opgelegde voorwaarden inzake fysische aanwezigheid en binnen de perken die eventueel zijn vastgesteld op het niveau van de verschillende betrokken specialismen.

A10§4bis Vergoedingsregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 10

§ 4bis. Tijdens de periode die loopt van het einde van zijn stages tot zijn erkenning door de Minister die de Volksgezondheid in zijn bevoegdheid heeft, is de gewezen kandidaat-specialist ertoe gemachtigd de verstrekkingen van zijn specialisme alsmede die van artikel 11 tegen 75 % aan te rekenen.

A10§5 Kwalificatieregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 10

§ 5. De in de hoofdstukken IV en V opgenomen verstrekkingen inzake speciale geneeskunde waarvoor het teken "°" staat, worden eveneens als zodanig gehonoreerd als ze worden verricht door elke arts of als het gaat om verstrekkingen waarvoor het teken "+" staat, door een tandheelkundige

A12§1bis Vergoedingsregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 12

§ 1bis. De verstrekkingen inzake anesthesie vermeld in de rubrieken a), b) en c) die worden verricht tijdens heelkundige of verloskundige verstrekkingen, bedoeld in de artikelen 9, c), 11, § 1, en 14, of tijdens percutane interventionele verstrekkingen onder medische beeldvormingscontrole, bedoeld in artikel 34, met een betrekkelijke waarde gelijk aan of hoger dan K 120, N 200 of I 200 en de verstrekkingen inzake anesthesie vermeld in de rubriek e) met een waarde gelijk aan of hoger dan K 120, geven voor de geaccrediteerde arts-specialist in de anesthesie-reanimatie, aanleiding tot een bijkomend honorarium voor accreditering Q 105, aanrekenbaar maximaal eenmaal per zitting.

Dat bijkomend honorarium is voorzien onder het nummer 202915 - 202926.

Dat bijkomend honorarium wordt maximum één keer per operatiezitting toegekend.

A12§3_6° Vergoedingsregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 12

6°. Ingeval verscheidene verstrekkingen in een zelfde zitting worden verricht, wordt de anesthesie die overeenstemt met de verstrekking met het hoogst coëfficiëntgetal, gehonoreerd tegen 100 pct. en de anesthesieën die overeenstemmen met de bijkomende verstrekkingen tegen 50 pct. van hun waarde.

De anesthesieën vermeld in de rubrieken a), b) en c) voor de bijkomende verstrekkingen mogen niet worden gehonoreerd :

a) ingeval verscheidene heelkundige bewerkingen in een zelfde streek worden verricht tijdens een zelfde operatiezitting;

b)

1. ingeval voor de in de nomenclatuur beschreven ingreep verscheidene ingrepen in verschillende opereerstreken nodig zijn of nodig kunnen zijn;

2. ingeval de in de nomenclatuur onder een algemene omschrijving beschreven ingreep bijkomende technieken behelst of kan behelzen;

3. ingeval een appendectomie wordt verricht tegelijkertijd met een laparotomie wegens een andere aandoening;

4. voor de percutane interventionele verstrekking 589094 - 589105.

c) wanneer de bijkomende (heelkundige en/of andere) verstrekkingen een lager coëfficiëntgetal hebben dan K 120 of N 200 of I 200.

d) ingeval verscheidene percutane interventionele verstrekkingen onder medische beeldvorming tijdens eenzelfde zitting worden verricht.

A13§2 Cumulregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 13

§ 2.

1° Behoudens andersluidend bepaald, dekken de honoraria voor de in § 1 van artikel 13 opgenomen verstrekkingen, noch de investerings-, noch de werkingskosten.

2° Voor rechthebbenden vanaf 7 jaar oud mag het honorarium voor de verstrekkingen 211013-211024, 211046, 211120, 211142, 212026, 212041, 213021, 213043, 214023, 214045, 211223, 211245, 211282, 211304, 211341, 211363, 211385, 211400, 211422, 211444, 211466, 211481, 211503, 211540, 211562 niet worden samengevoegd met het honorarium voor toezicht op de in een ziekenhuis opgenomen rechthebbenden.

De verstrekkingen van artikel 13, § 1, C, mogen worden samengevoegd met de verstrekkingen 596223, 596245, 596260, 596326, 596341, 596363.

De verstrekkingen 211702, 211643 en 211680 mogen worden samengevoegd met de verstrekkingen 596120, 596142, 596164.

3° Er mag geen honorarium worden aangerekend voor andere vormen van ademhalingsondersteuning of beademing dan voor deze die voorzien zijn in de verstrekkingen en de toepassingsregels van artikel 13.

4° De verstrekkingen nrs. 214023 en 214045 mogen niet worden samengevoegd met de verstrekkingen nrs. 212026 en 212041.

De honoraria voor de verstrekkingen nrs. 212026, 212041, 213021, 213043, 214023, 214045 en 214126, 211223, 211245, 211584, 211606, 211621, 211643 mogen niet worden samengevoegd met de honoraria voor de verstrekking nr. 475075 - 475086.

De aanrekening van verstrekking 475075 uitgevoerd buiten de verplegingsinrichting waar hoger genoemde verstrekkingen worden aangerekend vormt een uitzondering op deze regel

7° Het aantal dagen dat is opgegeven in de omschrijving van de verstrekkingen van artikel 13, § 1, waardoor de aanrekening van deze verstrekking tot dit aantal dagen wordt beperkt, is het maximum aantal dagen dat voor een zelfde opnemingstijdvak mag worden aangerekend.

8° Het continu toezicht in vivo, met of zonder registraties van fysiologische of biochemische parameters, mag niet worden aangerekend op basis van de verstrekkingen die zijn opgenomen in de artikelen 3, 14,20, 22 of 24.

10° De optelling van het aantal verstrekkingen 211223 en 211245 dat per kalenderjaar kan worden aangerekend per erkende functie intensieve zorg kan het aantal bedden dat aan deze functie is toegewezen, vermenigvuldigd met 365, niet overschrijden.

A14_0 PRIMARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 14

Worden beschouwd als verstrekkingen waarvoor de bekwaming is vereist van geneesheer, specialist voor één van de specialismen die tot de uitwendige pathologie behoren :

A15§00 Kwalificatieregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 15

§ 1. Worden in elk geval beschouwd als verwant met één van de specialismen opgesomd in artikel 14, a) tot en met m), de verstrekkingen die behoren tot de andere in hetzelfde artikel opgesomde specialismen.

§ 2. Behoudens in geval van overmacht moeten de ingrepen met een waarde gelijk aan of groter dan K 120 of N 200 of I 200 worden verricht in een verpleeginrichting welke door de bevoegde overheid is erkend en ten minste een dienst C of D omvat.

Onder overmacht dient te worden verstaan : het optreden bij de patiënt van een uitzonderlijke pathologische toestand, die onvoorzienbaar en onvermijdbaar is, en onafhankelijk van de wil van de zorgverstrekker.

Deze regel is niet van toepassing in geval van overmacht en op verstrekkingen vermeld in artikel 14 h) van de nomenclatuur, voor zover deze ingrepen ambulant worden uitgevoerd in een extramurale omgeving, die voldoet aan de architectonische normen van een functie chirurgische daghospitalisatie zoals beschreven in de artikelen 2 tot 6 van het koninklijk besluit van 25 november 1997 houdende vaststelling van de normen waaraan de functie « chirurgische daghospitalisatie » moet voldoen om te worden erkend, en indien deze ingrepen onder lokale of topische anaesthesie gebeuren, geen sedatie van de patiënt vereisen, en geen directe verpleegkundige opvang of nazorg behoeven.

§ 3. Worden verscheidene heelkundige bewerkingen in een zelfde opereerstreek tijdens een zelfde zitting verricht, dan wordt alleen de hoofdbewerking gehonoreerd.

§ 4. Worden verscheidene bewerkingen tijdens een zelfde zitting in aparte opereerstreken verricht, dan wordt de hoofdbewerking tegen honderd procent en de andere bewerking of bewerkingen tegen vijftig procent van de voor die verstrekkingen aangegeven waarden gehonoreerd, tenzij de omschrijving van de verstrekking of de regels van de nomenclatuur het anders bepalen.

Deze bepaling geldt niet voor de verstrekkingen waarvoor wordt vermeld dat ingrijpen in verschillende opereerstreken nodig is of kan zijn, noch voor technieken ter mogelijke aanvulling van sommige, onder een algemene benaming aangegeven bewerkingen, noch voor appendectomie verricht terzelfder tijd als een laparotomie wegens een andere aandoening: in al die gevallen wordt alleen de hoofdbewerking gehonoreerd .

§ 5. Vergt een verwikkeling tijdens de post-operatieve evolutie een nieuwe ingreep, dan wordt deze tegen honderd procent van haar waarde gehonoreerd.

§ 6. Het synthesematerieel en de voor sommige bewerkingen nodige gipsbanden en ander gipsmateriaal worden de verzekering aangerekend en boven het honorarium voor die bewerkingen vergoed overeenkomstig het vergoedingstarief vastgesteld voor dat synthesematerieel en die gipsbanden en ander gipsmateriaal.

§ 6bis. De bepalingen van artikel 15, §§ 2, 3, 4, 5 en 6 hiervoren zijn eveneens van toepassing op de heelkundige verstrekkingen die elders in deze nomenclatuur zijn opgenomen.

A15§14 Vergoedingsregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 15

§ 14. De heelkundige verstrekkingen met een betrekkelijke waarde, gelijk aan of hoger dan K 120 of N 200, die worden uitgevoerd onder de voorwaarden, gesteld in artikel 14 en in dit artikel, en worden aangerekend door een geaccrediteerde geneesheer specialist, geven aanleiding tot een bijkomend honorarium van Q 70.

Dat bijkomend honorarium is voorzien onder het nummer 318916 - 318920.

Dat bijkomend honorarium wordt maximum één keer per operatiezitting toegekend.

A15§20 Facturatieregel - divers SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 15

§ 20. Bij de aanrekening van alle heelkundige verstrekkingen dient voor elk lidmaat en elk paar orgaan de lateraliteit (links of rechts) vermeld te worden en dit ongeacht de wijze van aanrekenen.

A16§5 Vergoedingsregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 16

§ 5. Voor de operatieve hulp tijdens de heelkundige verstrekkingen waarvan de betrekkelijke waarde gelijk is aan of hoger dan K 120 of N 200, wordt het forfaitair honorarium vastgesteld op 10 pct. Van de betrekkelijke waarde van de verrichte verstrekking, ongeacht de bekwaming van de arts die bij de ingreep helpt.

Het honorarium voor operatieve hulp mag noch voor de diagnostische endoscopische handelingen, noch voor de onbloedige ingrepen, noch voor de handelingen van gastro-enterologie (artikel 20, § 1,c) worden vergoed.

In geval van veelvuldige verstrekkingen bij een zelfde zieke in een zelfde operatiezitting verricht, wordt het honorarium voor de operatieve hulp berekend op grond van het bedrag van het voor elke verstrekking bepaalde honorarium.

A25§2a2 Cumulregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 25

§ 2.

a)

Het honorarium voor toezicht op een in een ziekenhuis opgenomen rechthebbende die een heelkundige ingreep ondergaat, wordt gedurende vijf dagen gedekt door het honorarium dat voor die bewerking is bepaald.

Deze immuniteitsperiode van vijf dagen gaat in de dag waarop de heelkundige behandeling wordt verricht.

Deze immuniteitsperiode is evenwel niet van toepassing voor de heelkundige ingrepen met een waarde hoger dan K 180, N 300, I 300, indien het toezicht wordt uitgeoefend door een arts-specialist in de inwendige geneeskunde, cardiologie, pneumologie, gastro-enterologie, neurologie, neuropsychiatrie, pediatrie, reumatologie of fysische geneeskunde en revalidatie, medische oncologie, geriatrie, die de heelkundige bewerking niet heeft uitgevoerd en die tot een ander medisch specialisme behoort dan de arts die de heelkundige bewerking heeft verricht.

Deze immuniteitsperiode is evenmin van toepassing voor de verstrekkingen inzake:

- Neurochirurgie voorzien in artikel 14, b), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan K 400 is.

- Heelkunde op de thorax voorzien in artikel 14, e), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan N 500 is.

- Heelkunde op het abdomen voorzien in artikel 14, d), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan N 350 is.

- Bloedvatenheelkunde voorzien in artikel 14, f), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan N 500 is.

- Urologie voorzien in artikel 14, j), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan K 300 is.

- Orthopedie: bloedige behandelingen, hals en romp, ledematen, voorzien in artikel 14, k), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan N 500 is.

- Gynecologie voorzien in artikel 14, g), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan K 225 is.

- Otorhinolaryngologie voorzien in artikel 14, i), waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan K 400 is, alsook voor de verstrekkingen nrs. 256771-256782 en 257191-257202.

- Transplantaties waarin is voorzien in artikel 14, m).

- Neurochirurgie en orthopedie voorzien in artikel 14, n), waarvan de betrekkelijke waarde hoger of gelijk is aan K 410.

- Verloskunde nrs. 424056 - 424060, 424174 - 424185, 424196 - 424200 en alle verstrekkingen vernoemd in artikel 9, a), behalve de nrs. 422225, 422671 en 423673

- Percutane interventionele verstrekkingen onder medische beeldvormings-controle waarvan de waarde gelijk aan of hoger dan I 8OO is.

- Stomatologie waarvan de betrekkelijke waarde hoger dan of gelijk aan K 225 is.

Deze immuniteitsperiode is evenmin van toepassing voor de verstrekkingen bij patiënten die verblijven in een erkende dienst NIC of een erkende G-dienst.

A25§2a3 Cumulregel SECONDARY

TOEPASSINGSREGEL ARTIKEL 25

§ 2

a)

Onder heelkundige ingreep wordt voor deze immuniteitsregel begrepen: elke therapeutische verstrekking van artikel 9 (met uitsluiting van de verstrekking 424056-424060 en van de verstrekkingen van artikel 9 a), behalve de nrs. 422225, 422671 en 423673), van artikel 14 of van artikel 34.

I01_001 Regel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 01 - REGEL 01

VRAAG :

Een heelkundige verricht bij een verzekerde een louter esthetische ingreep.

In artikel 1, § 7, van de nomenclatuur is bepaald:

"De ingrepen met een louter esthetisch doel worden niet gehonoreerd, behoudens in de gevallen welke zijn aanvaard in de revalidatie- en herscholings-programma's, bedoeld in artikel 19 van de wet van 9 augustus 1963 tot instelling en organisatie van een regeling voor verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering, ten einde de rechthebbende de mogelijkheid te bieden een betrekking te krijgen of te behouden."

Wat is de juiste draagwijdte van die bepalingen ?

ANTWOORD

Zodra het gaat om één of meer louter esthetische verstrekkingen, moet de verzekeringsvergoeding worden geweigerd, ongeacht of het gaat om verstrekkingen inzake heelkunde, anesthesie, assistentie, enz. In artikel 1, § 7, van de nomenclatuur wordt immers gesproken van "ingrepen" in het algemeen. Voorts is het juist dat die bepalingen niet zinspelen op de opneming in een ziekenhuis. De daarmee gemoeide kosten dienen te worden beschouwd als bijkomende kosten die evenmin mogen worden vergoed, krachtens de regel volgens welke de bijzaak de hoofdzaak volgt.

I01_002 Cumulregel SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 01 - REGEL 02

VRAAG :

Een geneesheer is tegelijkertijd erkend als specialist voor inwendige geneeskunde en voor klinische biologie.

Hoe moeten in dat geval de bepalingen worden toegepast van de artikelen 1, § 6, en 24, § 5, van de nomenclatuur, waarbij de cumulatie van het honorarium voor raadpleging van de specialist voor klinische biologie en het honorarium voor verstrekkingen inzake klinische biologie wordt verboden ?

ANTWOORD

Wegens de dubbele erkenning als geneesheer-specialist moet de verzekering alle verstrekkingen vergoeden die tot elk van die specialismen behoren.

Inzonderheid dient er te worden op gewezen dat de raadpleging van de geneesheer-specialist voor inwendige geneeskunde (102034) mag worden gecumuleerd met technische handelingen inzake klinische biologie voor zover die raadpleging beantwoordt aan de maatstaf die is vastgesteld in de nomenclatuur.

Indien een raadpleging wordt aangerekend, mogen de verstrekkingen inzake klinische biologie worden geattesteerd.

Voorts mag die geneesheer, wanneer hij als bioloog handelt (door andere geneesheren aangevraagde analyses), geen raadpleging attesteren. Alleen de analyses inzake klinische biologie mogen worden geattesteerd.

De voornoemde interpretatieregels zijn van toepassing de dag van de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en vervangen de tot op heden gepubliceerde interpretatieregels betreffende artikel 1 (Algemene bepalingen) met name de interpretatieregels gepubliceerd in de rubriek 100 van de interpretatieregels van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen.

I10_001 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 10 - REGEL 01

VRAAG :

Welke verstrekkingen waarvoor de bekwaming van geneesheer-specialist voor gynecologie en verloskunde vereist is, die zijn opgenomen onder punt c) van artikel 9 van de nomenclatuur, mogen worden geattesteerd door een geneesheer-specialist voor heelkunde?

ANTWOORD

De verstrekkingen 424071 - 424082 tot 424233 - 424244 mogen worden geattesteerd door een geneesheer-specialist voor heelkunde.

I12_005 Vergoedingsregel SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 05

VRAAG :

Er wordt een osteosynthese verricht, daarna immobilisatie door gipsverband. De heelkundige vraagt het totale honorarium voor de osteosynthese en de helft van het honorarium voor het gipsverband.

Hoe wordt het honorarium van de geneesheer, specialist voor anesthesie, berekend ?

ANTWOORD

Voorbeeld : Osteosynthese van een diafysebreuk van been met aanleggen van een gipsverband.

Honorarium voor de ingreep : 290555 - 290566 Bloedige behandeling van fractuur van tibiadiafyse N 300 + 299154 - 299165 ° Gipstoestel van dij tot voeten, van dij tot enkel N75/2.

Het honorarium voor de anesthesie wordt berekend op grond van de betrekkelijke waarde van de verstrekkingen en rekening houdende met de bepalingen van artikel 12, § 3, 6°, van de nomenclatuur, waarin is bepaald :"Ingeval verscheidene verstrekkingen in een zelfde zitting worden verricht wordt de anesthesie die overeenstemt met de verstrekking met het hoogste coëfficiëntgetal, gehonoreerd tegen 100 % en de anesthesieën die overeenstemmen met de bijkomende verstrekkingen, tegen 50 % van hun waarde. »

De anesthesieën voor de bijkomende verstrekkingen mogen evenwel niet worden gehonoreerd :

- ingeval verscheidene heelkundige bewerkingen in een zelfde streek worden verricht tijdens een zelfde operatiezitting;

- wanneer de bijkomende (heelkundige en/of andere) verstrekkingen een lager coëfficiëntgetal hebben dan K 120 of N 200 of I 200.

In het aangehaalde voorbeeld is het honorarium voor de anesthesie derhalve vastgesteld op 200211 - 200222 K 72.

I12_006 Regel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 06

VRAAG :

Anesthesie die is verricht door een ander geneesheer-specialist dan een anesthesist voor een verstrekking die is gerangschikt onder de gewone geneeskundige hulp.

ANTWOORD

Deze anesthesie wordt getarifeerd op grond van de bepalingen van artikel 12, § 2, of van artikel 16, § 2, naar gelang van het geval.

I12_007 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 07

VRAAG :

Heelkundigen opereren sommigen van hun patiënten onder plaatselijke anesthesie. Het komt echter wel eens voor dat zij aan de anesthesist vragen om, in het kader van zijn specialisme, een advies over die patiënten te verstrekken.

De anesthesist bezoekt die patiënten na hun opneming, ondervraagt en onderzoekt hen, maakt een protocol van onderzoek op en geeft zijn conclusies. Daarbij voegt hij een voorschrift voor premedicatie om de kwaliteit van de plaatselijke anesthesie die gedurende de ingreep zal worden verricht, te verbeteren.

Onder welk nummer mag die verstrekking worden getarifeerd ?

ANTWOORD

Indien de anesthesist geen technische handelingen verricht, mag hij nr. 599082 in rekening brengen, als de in de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen vermelde voorwaarden zijn vervuld.

De eventuele technische handelingen mogen worden aangerekend, maar mogen niet worden gecumuleerd met nr. 599082.

I12_008 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 08

VRAAG :

Amygdalectomie door dissectie (257390 - 257401 K 100) en hechten van de pilaren wegens amandelbloeding (257434 - 257445 K 50).

Mag in dat geval de anesthesie voor hechten van de pilaren worden getarifeerd, en zo ja, hoe moet ze dan worden aangerekend :

1. als het hechten onmiddellijk volgt op de amygdalectomie ?

2. als het hechten geschiedt tijdens een tweede behandelingszitting ten gevolge van een late bloeding ?

ANTWOORD

Wat de anesthesie voor de amygdalectomie betreft : de verrichte anesthesie dekt volledig die een- of tweezijdige operatie die als zodanig onder één enkel nummer is opgenomen.

Wat het hechten van de pilaren betreft :

- als dit onmiddellijk volgt op de ingreep op de amandelen, mag geen bijkomende vergoeding worden verleend voor de anesthesie. Het hechten moet worden beschouwd als een integrerend deel van de ingreep op de amandelen, net als de onderbinding van een bloedvat of het hechten van de huidincisie, verricht tijdens of naar aanleiding van een laparotomie;

- als het tijdens een andere behandelingszitting naar aanleiding van een late bloeding geschiedt, mogen het honorarium voor de anesthesie en dat voor de ingreep tegen 100 % worden getarifeerd.

I12_013 Vergoedingsregel SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 13

VRAAG :

De artsen-specialisten in de anesthesie-reanimatie worden vaak erom verzocht een algemene anesthesie voor conserverende tandverzorging te verrichten, bijv. bij rechthebbenden met karakterstoornissen of mentale problemen.

Wat mag voor de anesthesie worden vergoed ?

ANTWOORD

De algemene anesthesie mag worden aangerekend onder nummer 201250 - 201261 K 45 voor zover ze is verricht in een verplegingsinrichting door een arts-specialist in de anesthesiologie-reanimatie.

I12_015 Regel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 15

VRAAG :

Mag worden beschouwd dat de kleine heelkunde onder intraveneuze injectie van een anxioliticum zoals diazepam, midazolam..., wordt verricht onder algemene anesthesie ?

ANTWOORD

Er mag niet worden beschouwd dat de kleine heelkunde die wordt verricht onder intraveneuze injectie van een spierverslappend anxioliticum zoals diazepam, midazolam..., wordt verricht onder algemene anesthesie.

I12_016 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 16

VRAAG :

Mag verstrekking nr. 475075 - 475086 worden geattesteerd door een geneesheer-specialist voor anesthesie, wanneer ze wordt verricht :

A. tijdens het pre-operatief onderzoek dat wordt verricht, ofwel de dag zelf van de heelkundige bewerking ofwel in de loop van de voorafgaande dagen;

B. tijdens de heelkundige bewerking zelf;

C. tijdens het postoperatief toezicht ?

ANTWOORD

A. Het E.C.G. dat door een anesthesist wordt genomen tijdens het pre-operatief onderzoek, ofwel de dag zelf van de heelkundige bewerking, ofwel in de loop van de voorgaande dagen, mag worden geattesteerd.

B. Het E.C.G. dat wordt genomen tijdens de heelkundige bewerking, mag niet worden geattesteerd : het desbetreffende honorarium is begrepen in het honorarium voor de anesthesie.

C. Het E.C.G. dat wordt genomen tijdens het postoperatief toezicht, mag worden geattesteerd indien het de dag na de ingreep wordt verricht; indien het dezelfde dag wordt genomen, is het desbetreffende honorarium begrepen in het honorarium voor de anesthesie dat het postoperatief toezicht op de gevolgen van die anesthesie dekt.

I12_018 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 12 - REGEL 18

VRAAG :

Ent van Sparks : de ent wordt door twee of drie incisies in haar bedding geplaatst, bij voorbeeld tussen de driehoek van Scarpa en de knieholte, of tussen de aorta abdominalis en de knieholte. Vijf a` zeven weken na het plaatsen heeft het organisme de ent opgenomen en kunnen de vasculaire verbindingen tot stand worden gebracht.

- Hoe moet de anesthesie die wordt verricht bij de eerste bewerking, het plaatsen van de ent, worden getarifeerd ?

ANTWOORD

Wat het honorarium van de heelkundige betreft, dekt de verstrekking nr. 235093 - 235104 Revascularisatie van een slagader van de ledematen door endarteriëctomie, endoaneurysmorrhafie, pontage of resectie met enten of anastomose N 500, de hele ingreep, ongeacht of deze in een of meer tijden wordt verricht.

De anesthesie die wordt verricht bij het plaatsen van de ent, moet worden geattesteerd onder nr. 201272 - 201283 Algemene, rachi- of continue of niet-continue epidurale anesthesie (met uitsluiting van de eenvoudige inspuitingen langs de hiatus sacralis) verricht hetzij bij een onderzoek onder narcose of bij kleine technische verstrekkingen die niet in de nomenclatuur zijn opgenomen, hetzij met een therapeutisch doel K 30.

De anesthesie die wordt verricht bij de revascularisatie, moet worden geattesteerd onder het nummer 200130 - 200141 Anesthesie, verricht tijdens een verstrekking, gerangschikt in een categorie gelijk aan of lager dan K 300 of N 500 of I 500 en hoger dan K 270 of N 450 of I 450, K 129.

I14d_001 Facturatieregel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 01

VRAAG :

Divertikel van het coecum, resectie van een divertikelvorming van het coecum, dubbele innaaistreek, ringsluiting met trinyl en innaaien, met serosereuze steken, van de resectiestreek.

Mag nr. 243250 - 243261 Wegnemen van Meckels divertikel N 250 worden getarifeerd ?

ANTWOORD

De resectie van een divertikelvorming van het coecum moet worden geattesteerd onder nr. 243250 - 243261 Wegnemen van Meckels divertikel N 250.

I14d_002 Vergoedingsregel PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 02

VRAAG :

Wat is het honorarium voor het uitwendig heelkundig draineren van verscheidene abcessen op het pancreascorpus en de pancreascauda na acute pancreatitis ?

ANTWOORD

De uitgevoerde verstrekking moet worden gelijkgesteld met verstrekking nr. 243655 - 243666 Insnijden en draineren, langs abdominale weg, van een subfrenisch of subhepatisch abces N 300.

I14d_003 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 03

VRAAG :

Resectie van een middenrifstumor met middenrifsplastiek.

ANTWOORD

Als de verstrekking langs thoracale of thoraco-abdominale weg wordt uitgevoerd, moet ze door gelijkstelling worden geattesteerd onder nummer 227135 - 227146 Middenrifs- of hiatushernia of middenrifs- of hiatuseventratie, langs thoracale of thoraco-abdominale weg N 500.

Indien ze langs abdominale weg wordt verricht, moet ze door gelijkstelling worden geattesteerd onder nr. 241032 - 241043 Middenrifs- of hiatushernia langs abdominale weg door sutuur van de crura of door fundoplicatuur N 500.

I14d_004 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 04

VRAAG :

Door een incisie in de liesstreek werden alle palpabele klieren verwijderd, alsmede de cellulaire lamina die de fascia cribriformis bedekt.

Gezien het goedaardig karakter van de klieren werd erop gelet ze te verwijderen zonder de vena saphena te kwetsen.

ANTWOORD

Ermee rekening houdende dat er geen eigenlijke klieruitruiming heeft plaatsgehad, moet het verwijderen van de liesklieren worden geattesteerd onder nr. 220356 - 220360 Exeresis van ganglion K 40.

I14d_005 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 05

VRAAG :

Dilatatie van een stenoserende reaktie ongeveer 5 cm boven de aars, bij iemand die is geopereerd wegens invasieve of potentieel invasieve hypermitotische celproliferatie van het rectum en niet ter verpleging is opgenomen.

ANTWOORD

De dilatatie van een stenoserende reactie ongeveer 5 cm boven de aars, moet door gelijkstelling worden geattesteerd onder nummer 244532 - 244543 Aarsdilatatie onder algemene anesthesie, geïsoleerde verstrekking N 40. Die verstrekking is slechts vergoedbaar indien ze is verricht onder algemene anesthesie, in een verplegingsinrichting en als geïsoleerde verstrekking.

I14d_007 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 07

VRAAG :

Polaire gastrectomie bovenaan met daarmee gepaard gaande pyloroplastiek.

ANTWOORD

De ingreep moet worden geattesteerd onder nr. 241474 - 241485 Subtotale gastrectomie N 500 als ze langs abominale weg wordt verricht of onder nr. 228012 - 228023 Thoracale of thoraco-abdominale oesofagectomie of gastro-oesofagectomie in één operatietijd N 800 als ze door thoracofrenolaparotomie wordt verricht.

I14d_008 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 08

VRAAG :

Totale gastrectomie door oesofago-pylorostomie.

ANTWOORD

Het gaat hier niet om een totale gastrectomie maar om een subtotale gastrectomie die moet worden getarifeerd onder nr. 241474 - 241485 Subtotale gastrectomie N 500.

I14d_009 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 09

VRAAG :

Oesofago-jejunostomie voor maagexclusie langs thoraco-abdominale weg.

ANTWOORD

Het gaat om een heelkundige bewerking die niet als dusdanig is opgenomen in de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen. Ze moet worden geattesteerd onder nr. 243272 - 243283 Entero-anastomose N 300.

I14d_010 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 10

VRAAG :

Sectie van de aarssfincter.

ANTWOORD

De sectie van de gladde aarssfincter moet worden geattesteerd onder nr. 244510 - 244521 Resectie van aarskloof N 90.

I14d_011 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 11

VRAAG :

Verwijderen van een resterende cystische stomp na een vroegere cholecystectomie.

ANTWOORD

Die verstrekking moet worden geattesteerd onder nr. 242454 - 242465 Cholecystectomie N 350 of onder nr. 244775 - 244786 Laparoscopische cholecystectomie N 350 of onder nr. 242476 - 242480 Cholecystectomie met peroperatoire cholangiografie N 400, naar gelang van het geval

I14d_012 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 12

VRAAG :

Huidjejunostomie.

ANTWOORD

De huidjejunostomie moet worden geattesteerd onder nr. 243191 - 243202 Laterale ileo- of colostomie N 200.

I14d_013 Facturatieregel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 13

VRAAG :

Hoe dient een ano-rectale myomectomie getarifeerd te worden ?

ANTWOORD

Die verstrekking moet aangerekend worden onder nummer 244510 - 244521 Resectie van aarskloof N 90.

I14d_014 Facturatieregel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 14

VRAAG :

Hoe moet de volgende ingreep worden geattesteerd ?

Transversale colectomie en colectomie links en amputatie van het rectum met behoud van de sfincter wegens ziekte van Hirschsprung en omkering van het colon rechts (techniek van Deloyer) voor transanaal retrorectaal neerhalen (techniek van Duhamel) ?

ANTWOORD

De ingreep die in één bewerking wordt verricht, moet worden geattesteerd onder nr. 243014 - 243025 Totale proctocolectomie of totale colectomie met rectale mucosectomie en modelleren van een ileumreservoir met of zonder proximale ileostomie N 800.

I14d_015 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 15

VRAAG :

Resectie van het distaal gedeelte van het duodenum na vrijmaken van de arteria mesenterica.

ANTWOORD

De ingreep moet worden geattesteerd onder nr. 243235 - 243246 Segmentaire resectie van de dunne darm N 375.

I14d_016 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 16

VRAAG :

Heelkundige correctie van anale incontinentie

1° - door overplanting van de musculus gracilis (techniek van Pickrell)

2° - langs sacrale weg door middel van een plicatuur van de musculus pubo-rectalis.

ANTWOORD

Er dient als volgt te worden geattesteerd :

- 244392 - 244403 Refectie van de sphincter ani wegens incontinentie (oude scheur of heringreep) buiten de verlossing N 375.

- 244171 - 244182 Hechten van de hefspieren wegens rectumprolaps N 300.

I14d_017 Facturatieregel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 17

VRAAG :

Hoe moet het herstellen van een ruptuur van het diafragma die bestaat uit een hechting van de cupula, die is verricht naar aanleiding van een laparotomie, worden geattesteerd ?

ANTWOORD

Het hechten van de scheur van het diafragma moet worden geattesteerd onder nr. 243596 - 243600 Laparotomie wegens hemorrhagie N 300; indien het hechten geschiedt langs thoracale of thoraco-abdominale weg, mag verstrekking nr. 227135 - 227146 Middenrifs- of hiatushernia of middenrifs- of hiatuseventratie, langs thoracale of thoraco-abdominale weg N 500 worden geattesteerd.

I14d_018 Regel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 18

VRAAG :

Hoe moet de operatieve handeling die is opgenomen onder het codenummer 244635 - 244646 Uitsnijden van een aarsabces, onder algemene anesthesie N 75 worden begrepen ? Hoe moet die omschrijving, vergeleken met het codenummer 112276 - 112280 Insnijden van aarsabces K 6 worden begrepen ?

Mag het codenummer 145574 - 145585 Insnijden van oppervlakkige phlegmone of van anthrax K 10 worden toegepast op de anale streek ?

ANTWOORD

Als in de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen een specifiek nummer is opgenomen, moet dat nummer worden geattesteerd.

De verstrekking 112276 - 112280 Insnijden van aarsabces K 6 beoogt het draineren van een onderhuids abces, via een eenvoudige insnijding en onder plaatselijke of regionale anesthesie.

De verstrekking 244635 - 244646 Uitsnijden van een aarsabces, onder algemene anesthesie N 75 daarentegen heeft betrekking op de complexe behandeling van een inflammatoir letsel, die een algemene anesthesie vergt en bestaat in een resectie van de necrotische of fibreuze weefsels en eventueel van de abceswand.

I14d_020 Facturatieregel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 20

VRAAG :

Mag de correctie van de diastase van de rectusspieren van het abdomen onder het nummer 241275-241286 Resectie met huidplastiek en transpositie van de navel N 300 aangerekend worden ?

ANTWOORD

De verstrekking 241275-241286 Resectie met huidplastiek en transpositie van de navel N 300 staat onder de inleidende titel : « Exeresis van uitgebreide vetschort met functionele hinder ».

Die verstrekking kan dus uitsluitend voor die indicatie aangerekend worden.

Correctie van de diastase van de rectusspieren van het abdomen is niet voorzien in de nomenclatuur. Geen enkel verstrekkingsnummer mag voor deze correctie aangerekend worden.

I14d_021 Facturatieregel - divers PRIMARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 14d - REGEL 21

VRAAG :

Sinds 1 oktober 2007, voorziet artikel 14 d) van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen in specifieke verstrekkingen voor de behandeling van obesitas die terugbetaalbaar zijn onder welbepaalde voorwaarden (BMI, ouderdom, dieetbehandeling, multidisciplinair bariatrisch overleg).

Welke verstrekking(en) mag men aanrekenen voor bariatrische heelkunde uitgevoerd bij een patiënt die niet aan deze criteria voldoet ?

ANTWOORD

Aangezien er voor bariatrische heelkunde specifieke verstrekkingen met terugbetalingscriteria voorzien zijn in artikel 14 d) van de nomenclatuur, is het niet toegelaten andere verstrekkingen aan te rekenen voor de heelkundige behandeling van obesitas, of de patiënt al dan niet beantwoordt aan de criteria opgenomen onder het opschrift « Behandeling van obesitas ».

I15_001 Regel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 15 - REGEL 01

VRAAG :

Artikel 15, § 2, van de nomenclatuur luidt als volgt :

« Behoudens in gevallen van overmacht, moeten de bewerkingen met een waarde gelijk aan of hoger dan K 120 of N 200 of I 200 worden verricht in een verplegingsinrichting die door de bevoegde overheid is erkend en die minstens een dienst C of D heeft. »

Wat moet in artikel 15, § 2 onder "bewerking" worden verstaan ?

Geldt deze bepaling eveneens voor de heelkundige bewerkingen die zijn bedoeld onder de nrs. 532674 - 532685 K 180, 532696 - 532700 K 240, 532711 - 532722 K 300 en 532210 - 532221 K 180 en die zijn gerangschikt in artikel 21 Dermato-venereologie, van de nomenclatuur ?

ANTWOORD

In artikel 15, § 2 van de nomenclatuur moet onder "bewerking" worden verstaan, de heelkundige bewerkingen en de verstrekkingen van artikel 34 van de nomenclatuur (Percutane interventionele verstrekkingen onder medische beeldvormingscontrole).

Inzake de verstrekkingen 532674 - 532685, 532696 - 532700, 532711 - 532722 en 532210 - 532221 gaat het onbetwistbaar om heelkundige bewerkingen. Overeenkomstig de bepalingen van artikel 15, § 6bis , vallen de hiervoren genoemde verstrekkingen derhalve onder de toepassing van artikel 15, § 2, van de nomenclatuur.

I15_004 Regel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 15 - REGEL 04

VRAAG :

Tijdens een operatiezitting verricht de geneesheer-specialist voor neurochirurgie, verstrekking nr. 230473 - 230484 Heelkundige bewerking langs trepanatieluik wegens supratentoriële intracraniële expansieve processus K 700.

Gedurende dezelfde anesthesie verricht een tweede geneesheer-specialist voor bloedvatenheelkunde, wegens een ander letsel een heelkundige bewerking die bestaat uit het nemen van een veneuze ent op het rechterbeen en het inplanten ervan in het getraumatiseerde slagaderstelsel van de rechter bovenarm.

Zijn de bepalingen van artikel 15, § 4, van de nomenclatuur voor die tweede ingreep van toepassing ?

ANTWOORD

Een tweede ingreep die door een tweede heelkundige wordt verricht, sluit de toepassing van de bepalingen van artikel 15, § 4, betreffende de opereerstreken niet uit.

Dientengevolge wordt het honorarium voor de hoofdbewerking tegen 100 %, en het honorarium voor de andere ingreep of ingrepen tegen 50 % van de opgegeven waarden vergoed.

Het nemen van een ent (veneuze ent, beenderent, enz.) wordt niet bijvergoed bij de vergoeding die voor de implantatie wordt verleend.

In dit geval mag de verzekering de nrs. 230473 - 230484 K 700 + 235115 - 235126 Revascularisatie van een slagader van de ledematen door pontage of resectie, met enten van de vena saphena interna, inclusief het nemen van de ent N600/2 , vergoeden.

I15_006 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 15 - REGEL 06

VRAAG :

Moeten de bepalingen van artikel 15, §§ 3 en 4, betreffende de tarifering van veelvuldige verstrekkingen, verricht tijdens een zelfde zitting hetzij in een zelfde opereerstreek, hetzij in aparte opereerstreken, worden toegepast voor de diagnoseverstrekkingen ?

ANTWOORD

De hiervoren vermelde bepalingen worden niet toegepast op de diagnoseverstrekkingen die geen bloedige ingreep impliceren.

Mogen bijvoorbeeld niet als bloedige ingrepen worden beschouwd, de volgende verstrekkingen :

- de diagnostische laparoscopie en pleuroscopie;

- de afname voor biopsie door cystoscopie, bronchoscopie;

- de punctie van lever, milt en elke andere biopsie door punctie.

I15_007 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 15 - REGEL 07

VRAAG :

Moet, in het raam van de toepassing van artikel 15, § 4, tweede lid, van de nomenclatuur, het woord laparotomie in ruime zin worden verstaan of enkel wanneer de verstrekking als dusdanig wordt aangerekend ?

ANTWOORD

Het in artikel 15, § 4, tweede lid, vermelde woord laparotomie moet in ruime zin worden verstaan : openleggen van het peritoneum, ongeacht het doel daarvan.

I15_012 Regel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 15 - REGEL 12

VRAAG :

Orthopedische behandeling van verscheidene breuken waarvan de contentie geschiedt met één enkel gipsverband.

ANTWOORD

Indien iedere breuk een repositie vergt, wordt de hoofdrepositie gehonoreerd tegen 100 % en de volgende repositie of reposities tegen 50 % van de voor die verstrekkingen opgegeven waarden.

Indien de breuken geen repositie vergen of indien slechts één van de breuken een repositie vergt, mag alleen de ingreep met de hoogste betrekkelijke waarde worden geattesteerd.

I25_002 Vergoedingsregel SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 25 - REGEL 02

VRAAG :

Heelkundige bewerkingen worden niet uitsluitend in de eigenlijke heelkundige diensten verricht. Vooral in de diensten voor oftalmologie, otorhinolaryngologie, urologie en gynaecologie worden talrijke operaties verricht. Moet derhalve, wanneer een heelkundige bewerking wordt verricht, het verblijf in dergelijke diensten, wat het honorarium voor toezicht betreft, worden gelijkgesteld met het verblijf in een heelkundige dienst ?

ANTWOORD

Het begrip dienst komt niet in aanmerking voor het vergoeden van het honorarium voor toezicht : het is de verrichte verstrekking die in aanmerking wordt genomen.

I25_009 Facturatieregel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 25 - REGEL 09

VRAAG :

Een geneesheer die gelijktijdig erkend is als neuroloog en als neurochirurg, oefent toezicht uit op een van 1 tot 25.10 in een ziekenhuis opgenomen rechthebbende en vraagt de volgende honoraria : 598404 C 16 x 5, 598021 C 6 x 1, 598043 C 3 x 9.

De heelkundige bewerking die door een andere neurochirurg is verricht, had plaats op 7.10. Is de tarifering juist ?

ANTWOORD

Wegens zijn dubbele erkenning als specialist voor inwendige pathologie en voor uitwendige pathologie is op de geneesheer artikel 25, § 2, a), 2°, eerste lid, van toepassing, dat luidt :

« Het honorarium voor toezicht op een in een ziekenhuis opgenomen rechthebbende die een therapeutische heelkundige of orthopedische bewerking of een verloskundige verstrekking ondergaat, wordt gedurende 10 dagen gedekt door het honorarium dat voor die bewerking is bepaald. Die 10 dagen moeten worden berekend vanaf de eerste opnemingsdag van de rechthebbende onder het toezicht van een geneesheer-specialist voor uitwendige pathologie of van een geneesheer-specialist voor anesthesie. »

I25_013 Regel - divers SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 25 - REGEL 13

VRAAG :

Wat moet worden verstaan onder de woorden "geneesheer-specialist voor uitwendige pathologie" die voorkomen in artikel 25, § 2, a), 2°, van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen ?

ANTWOORD

Voor de toepassing van de bepalingen van artikel 25, § 2, a), 2°, van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen dient onder geneesheer-specialist voor uitwendige pathologie, te worden verstaan, de geneesheren die erkend zijn voor de heelkundige specialismen die zijn opgesomd in de punten a) tot l) van artikel 14 dat als volgt begint : "Worden beschouwd als verstrekkingen waarvoor de bekwaming is vereist van geneesheer-specialist voor één van de disciplines die tot de uitwendige pathologie behoren".

I25_015 Vergoedingsregel SECONDARY

INTERPRETATIEREGEL ARTIKEL 25 - REGEL 15

VRAAG :

Moet er immunisatie van het honorarium voor toezicht, voorzien in artikel 25 van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen worden toegepast voor de verstrekking 424056 - 424060 Cardiotocografie vóór de geboorte (met uitsluiting van de cardiotocografieën, verricht de dag van de verlossing) : gecombineerd registreren van de hartfrequentie van de foetus, van de intensiteit en van de frequentie van de contracties, met een minimumduur van een half uur, met protocol en uittreksel uit de tracés, per dag K 25 ?

ANTWOORD

Artikel 25, § 2, a) 2° van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen bepaalt :

« Het honorarium voor toezicht op een in een ziekenhuis opgenomen rechthebbende die een therapeutische heelkundige of orthopedische bewerking of een verloskundige verstrekking of een percutane interventionele behandeling onder medische beeldvormingscontrole ondergaat, wordt gedurende tien dagen gedekt door het honorarium dat voor die bewerking is bepaald ... ».

De verstrekking 424056 - 424060 K 25 is ondergebracht in het hoofdstuk Verlossingen, maar het gaat om een diagnostische handeling.

Daar het niet gaat om een bewerking, moet er geen immunisatie van het toezichtshonorarium, voorzien in artikel 25 van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen, worden toegepast.

Deze toezichtshonoraria mogen dientengevolge worden geattesteerd onder de voorwaarden, vastgesteld in artikel 25 van de nomenclatuur.

Geen attributen.

1995-10-01 → Heden

Behandeling van een al dan niet beklemde tweezijdige liesbreuk