Hoofdstuk VI. Brillen en andere oogprothesen, hoortoestellen, banden, orthopedische toestellen en andere prothesen - Art. 27/1. Worden geacht in de bevoegdheid van de orthopedisch technologen in de bandagisterie en orthesiologie (O), hierna zorgverleners te noemen, te vallen: - J. DRUKKLEDIJ - J.1. Verstrekkingen - Hoofdgroep I: Hoofd - Basisverstrekkingen - Maatwerk : kin- en halsbandage - textiel
| Hoofdstuk | CH06 - Hoofdstuk VI. Brillen en andere oogprothesen, hoortoestellen, banden, orthopedische toestellen en andere prothesen |
|---|---|
| Artikel | Art. 27/1. Worden geacht in de bevoegdheid van de orthopedisch technologen in de bandagisterie en orthesiologie (O), hierna zorgverleners te noemen, te vallen: |
| Subartikel | 27/1.J - J. DRUKKLEDIJ |
| Groep N | N70 - Toestellen |
| Categorie | Codenummer nomenclatuur |
| Sector |
| Geldig van | 2013-12-01 |
|---|---|
| Geldig tot | Actief |
| Sleutelletter | O (O000) x 233.68 = 248,05 € Waarde: 1,06 € |
| Basistarief | 248,05 € |
| Korte omschr. | KIN.HALSBAND.TEXTIEL |
| Overeenstemmend | 641211 |
| Tariefcode | Omschrijving | Categorie | Bedrag | Geldig van | Tot |
|---|---|---|---|---|---|
0 |
Honorarium | Honoraria en prijzen | 248,05 € | 2026-01-01 | Actief |
1510 |
Tegemoetkoming rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Tegemoetkomingen aan rechthebbenden met voorkeurregeling | 248,05 € | 2026-01-01 | Actief |
1530 |
Tegemoetkoming rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst | Tegemoetkomingen aan rechthebbenden met voorkeurregeling | 248,05 € | 2026-01-01 | Actief |
1810 |
Tegemoetkoming rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Tegemoetkomingen aan rechthebbenden zonder voorkeurregeling | 248,05 € | 2026-01-01 | Actief |
1830 |
Tegemoetkoming rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst | Tegemoetkomingen aan rechthebbenden zonder voorkeurregeling | 186,04 € | 2026-01-01 | Actief |
3510 |
Persoonlijk aandeel rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Persoonlijke aandelen rechthebbenden met voorkeurregeling | - | 2026-01-01 | Actief |
3530 |
Persoonlijk aandeel rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst | Persoonlijke aandelen rechthebbenden met voorkeurregeling | - | 2026-01-01 | Actief |
3810 |
Persoonlijk aandeel rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Persoonlijke aandelen rechthebbenden zonder voorkeurregeling | - | 2026-01-01 | Actief |
3830 |
Rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst : persoonlijk aandeel, met de vermindering van de tegemoetkoming (KB 08/06/1967) | Persoonlijke aandelen rechthebbenden zonder voorkeurregeling | 62,01 € | 2026-01-01 | Actief |
Geen cumulatieregels bekend voor dit codenummer.
K. Algemene bepalingen betreffende prefab-verstrekkingen
K.1 Algemene bepalingen betreffende de prefab-verstrekkingen met lijst van voor vergoeding aangenomen producten volgens het principe van prijstransparantie
K.1.1. Deze bepalingen hebben betrekking op de verstrekkingen opgenomen in punt K.1.4. Om door de verzekering te worden vergoed moeten de producten die behoren tot deze verstrekkingen, zijn opgenomen op de door het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering opgemaakte lijsten van aangenomen producten volgens het principe van prijstransparantie.
K.1.2. Onder het begrip volgens het principe van prijstransparantie moet worden verstaan dat de prijs van de verstrekkingen wordt opgesplitst in een "afleveringshonorarium", een "materiaalkost" en een "algemene kost".
De totale prijs alsook de prijs van de samenstellende elementen van deze verstrekkingen worden vastgesteld per homogene productgroep(en) op voorstel van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen.
K.1.3. Definities van de elementen van de prijsbepaling :
a) Het afleveringshonorarium omvat een vast bedrag dat inherent is aan de aflevering door een zorgverlener en wordt per homogene productgroep bepaald aan de hand van de arbeidstijd in minuten en de dienstverlening voor de productgroep. Per productgroep wordt bepaald wat onder de minimale dienstverlening wordt verstaan.
b) De standaardmateriaalkost wordt bepaald op basis van de productprijs, zijnde de prijs aan zorgverlener exclusief BTW, van de producten behorende tot de homogene productgroep. De standaardmateriaalkost is de maximale vergoeding voor het individueel afgeleverde product aan de rechthebbende.
Per productgroep wordt een veiligheidsgrens vastgesteld. Voor de producten waarvan de kostprijs hoger is dan de standaardmateriaalkost vermeerderd met de veiligheidsgrens, wordt de vergoeding beperkt tot een vast bedrag, de registratietegemoetkoming genoemd.
c) De algemene kosten zijn een vast bedrag dat andere kostenposten dekt die door de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen zijn aanvaard per homogene productgroep.
d) De BTW voor de totale prijs van de verstrekking.
K.1.4 Procedure voor opmaken en bijwerken van de lijsten van voor vergoeding aangenomen producten volgens het principe van prijstransparantie.
Om door de ziekteverzekering te worden vergoed moeten de producten zijn opgenomen op de lijsten van aangenomen producten goedgekeurd door het Verzekeringscomité op voorstel van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen:
Deze lijsten worden continu bijgewerkt.
Om op de lijst van voor vergoeding aangenomen producten volgens het principe van prijstransparantie opgenomen te worden, moet de fabrikant/verdeler-aanvrager per aangevraagd product een dossier indienen bij de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering - Secretariaat van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen.
Het dossier moet de volgende elementen bevatten :
1° een verbintenisformulier, conform het model dat wordt vastgelegd door het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging op voorstel van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen;
2° een aanvraagformulier, conform het model dat wordt vastgelegd door het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging op voorstel van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen;
3° de EG-conformiteitsverklaring;
4° de productdocumentatie in de drie landstalen; deze omvat minimaal een beschrijving en duidelijke afbeelding van het product;
5° de volledige gebruiksaanwijzing in de drie landstalen conform de geldende EG-richtlijn;
6° de prijs aan zorgverlener (excl. BTW).
Elke aanvraag moet behoorlijk zijn ingevuld, gedateerd en ondertekend en dient alle opgevraagde inlichtingen en documenten te bevatten. Het secretariaat gaat na of de aanvraag volledig is. Als ze niet volledig is, wordt de aanvrager binnen een gerede tijdsspanne in kennis gesteld van de ontbrekende elementen. Pas als het dossier volledig is samengesteld, wordt het overgemaakt aan de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen.
De Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen is te allen tijde gemachtigd om eender welke bijkomende inlichtingen te vragen die hij nodig acht.
De Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen bepaalt - op basis van medische karakteristieken, technische en functionele beschrijvingen - of het product kan worden opgenomen onder het gevraagde lijstnummer.
Elke wijziging van het product moet onmiddellijk door de aanvrager worden meegedeeld aan het secretariaat.
Indien een product niet langer geproduceerd wordt, moet de aanvrager het secretariaat onmiddellijk op de hoogte brengen. Vooraleer te worden geschrapt, blijft het desbetreffende product één jaar op de lijst staan.
K.2 Aanvraagprocedure voor lijsten van prefab aangenomen producten
Om door de ziekteverzekering te worden vergoed moeten de volgende prefab producten zijn opgenomen op de lijsten van aangenomen producten goedgekeurd door het Verzekeringscomité op voorstel van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen:
a) externe borstprothesen
b) handschoenen en armkousen
c) therapeutische elastische beenkousen
d) incontinentiemateriaal
e) stomamateriaal
Deze lijsten worden continu bijgewerkt.
Om op de lijst van voor vergoeding aangenomen producten opgenomen te worden, moet de fabrikant-aanvrager per aangevraagd product een dossier indienen bij de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering - Secretariaat van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen.
Het dossier moet de volgende elementen bevatten :
1.Een verbintenisformulier, conform het model dat wordt vastgelegd door het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging op voorstel van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen.
2.Een aanvraagformulier, conform het model dat wordt vastgelegd door het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging op voorstel van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen.
3.De EG-conformiteitsverklaring.
4.Een staal van elk product (1 maat volstaat).
5. De productdocumentatie in de drie landstalen : deze omvat minimaal een beschrijving van het product.
6. De volledige gebruiksaanwijzing in de drie landstalen conform de geldende EG-richtlijn.
7. De prijs aan zorgverlener (exl. BTW) : één enkele prijslijst voor het geheel van de aangevraagde producten.
8. Voor de irrigatiepomp (verstrekking 656095): een keuringsbewijs afgeleverd door een testinstituut waaruit blijkt dat het product voldoet aan de norm IEC 60601-1 Elektrische Medische Apparatuur, of equivalent.
9. Voor therapeutische elastische armkousen en handschoenen : een keuringsbewijs afgeleverd door een testinstituut waaruit blijkt dat het product een kwikdruk van minstens 15 mm heeft. Voor een therapeutische elastische handschoen volstaat een keuringsbewijs van een armkous uit hetzelfde gamma, voor zover de textielproducten van de armkous en de handschoen exact identiek zijn.
Het verbintenisformulier en het aanvraagformulier kunnen worden opgevraagd bij het secretariaat van de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen binnen de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering.
Elke aanvraag moet behoorlijk zijn ingevuld, gedateerd en ondertekend en dient alle opgevraagde inlichtingen en documenten te bevatten. Het secretariaat gaat na of de aanvraag volledig is. Als ze niet volledig is, wordt de aanvrager binnen een gerede tijdsspanne in kennis gesteld van de ontbrekende elementen. Pas als het dossier volledig is samengesteld, wordt het overgemaakt aan de Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen.
De Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen bepaalt- op basis van medische karakteristieken, technische en functionele beschrijvingen in het aanvraagdossier - of het product kan worden opgenomen onder de gevraagde lijstnummer.
De Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen is te allen tijde gemachtigd om eender welke bijkomende inlichtingen te vragen die hij nodig acht.
De Overeenkomstencommissie orthopedisch technologen-verzekeringsinstellingen stuurt het voorstel tot opname op de lijst door naar het Verzekeringscomité van de ziekte-en invaliditeitsverzekering.
Elke wijziging van het product moet onmiddellijk worden meegedeeld aan het secretariaat.
Indien een product niet langer geproduceerd wordt, moet de aanvrager het secretariaat onmiddellijk op de hoogte brengen. Vooraleer te worden geschrapt, blijft het desbetreffende product 6 maanden op de lijst staan.
L. Minimummaatstaven inzake fabricage
De minimale maatstaven voor de sector van de orthopedische technologie zijn opgedeeld twee delen.
In L.2. worden de algemene bepalingen inzake minimummaatstaven inzake fabricage voor alle productgroepen uit artikel 27/1 vastgelegd.
Vanaf L.3. worden per productgroep de specifieke bepalingen inzake minimummaatstaven inzake fabricage vastgelegd. Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2.
L.2. Minimummaatstaven inzake fabricage voor alle productgroepen
Elk toestel moet voldoen aan de op het voorschrift van de behandelend arts vermelde en beoogde functie, en moet opgevat worden rekening houdend met de gezondheidstoestand, leeftijd en beroep van de patiënt. Het toestel moet voldoende sterk en in overeenstemming met de voorziene gebruiksfunctie en gebruiksduur zijn.
Elk toestel, waarvoor wordt vastgesteld binnen een termijn van 6 maanden na aflevering, dat het t.g.v. factoren eigen aan de vervaardiging ervan niet beantwoordt aan de beoogde functie, moet worden aangepast of vervangen zonder meerkost voor de patiënt of de ziekteverzekering.
Alle materialen die gebruikt worden bij de fabricage van orthopedische toestellen en prothesen moeten van eerste kwaliteit zijn, geen enkel gebrek vertonen en geen behandeling ondergaan hebben om de gebreken ervan te verbergen.
L.2.2.1. Hout:
Al het gebruikte hout moet gaaf en volkomen droog zijn.
L.2.2.2. Rubber:
Het gebruikte rubber is natuurlijk of synthetisch.
Het rubber "met luchtcellen" met grote weerstand, zogenoemde schuimrubber, bekomen door inblazen van geperste lucht in een smeltende rubbermassa, mag gebruikt worden voor de beschermende kussentjes, zolen voor kunstvoeten, orthopedische zolen, kniekussentjes, broekbeschermer, enz.
L.2.2.4. Leder:
Leder om te mouleren: moet van eerste kwaliteit zijn, langzaam gelooid en gevoed.
Riemenleder: het leder, half rugstuk of pinkflank wordt het meest aanbevolen. Voor de soepelere riemen evenwel gebruikt men kalfsleder, en voor de draagriemen of deze waarop grote trekkracht uitgeoefend wordt, chroomleder en het zogenoemde zadelleder.
Bekledingsleder: het gemsleder moet met olie behandeld worden. Het chroomleder van het paard of de geit is geschikt voor de bekleding van kunstbenen of overtrekken van toestellen. Gelooid schapenleder en gepecariseerde huiden worden hiervoor eveneens gebruikt.
De metalen ringen worden, naargelang van het geval, bekleed met vachetleder, of met flankleder van koe, of kalf, of met synthetisch leder.
Perkament: koe-, geiten-, varkens-, of schapenleder met grote weerstand.
L.2.2.5. Fiber:
Koolstofvezelprodukten.
L.2.2.6 Kurk:
Schors van kurkeik, moet fijn zijn, niet wormstekig, noch diepgebarsten, het kurkblad moet soepel zijn.
Ze mag samengesteld zijn uit latex en kurkblad.
L.2.2.7. Metalen:
Staal: het staal voor spalken en versterkingsringen is half-hard getemperd staal.
Roestvrij staal.
Legeringen: de lichte legeringen moeten legeringen met hoge weerstand zijn. Duraluminium is het meest geschikt; alpax en alumag worden evenwel aangewend voor zekere gegoten stukken.
L.2.2.8. Plastiek:
Polyethylenen, superpolyamiden, acrylica, epoxy, exoprenen, P.V.C.-derivaten, A.B.S.-produkten, polypropylenen, polyurethanen en polycarbonaten of gelijkaardige stoffen van gelijke kwaliteit, worden aangewend voor het vervaardigen van korsetten, toestellen en prothesen.
Polyurethanen en derivaten of gelijkaardige stoffen worden aangewend als bedekkings-, beschermings- of compensatiemateriaal, enz. in de korsetten, de prothesen, de zolen en de schoenen.
Synthetisch hars zoals polyester, acrylepoxyde wordt gebruikt met een verharder en buisvormig tricot, voor het vervaardigen van orthopedische- en prothesetoestellen. Ander, soepeler materieel wordt soms aangewend als versiering.
Gewapend plastiek: onder gewapend plastiek verstaat men hetzij een associatie van acryl-resinen versterkt met glasweefsels, hetzij toestellen van een ander type vervaardigd in plastiek, zoals polyethylenen, enz..., versterkt met metalen bewapening.
L.2.2.9. Textielsoorten:
Viltsoorten: moeten uit eerste kwaliteitswol zijn, soepel voor de watteringen en steunpunten, gecomprimeerd voor de zolen, kunstvoeten en -handen.
Moltonsoorten: in eerste kwaliteitswol of katoen.
Weefsels voor draagriemen: de stijve weefsels zijn van katoen of van nylon. De elastieken weefsels zijn van het speciale type voor elastieken verband.
Zogenoemde buisvormige tricotsoorten: moeten uit katoen- of nylonweefsels van eerste kwaliteit zijn.
Sterke tijk: op basis van zuiver katoen.
L.2.3. Diverse stukken:
L.2.3.1. Moeren - Schroeven - Decolletagestukken:
in zacht, niet getemperd staal. Diezelfde stukken uit plastiek zijn uit superpolyamiden of een andere duurzame stof.
L.2.3.2. Knopen:
de hechtknopen moeten uit messing, zacht staal of nylon zijn. Wanneer ze uit plastiek zijn, moeten ze aan de karakteristieken onder a) beantwoorden.
L.2.3.3. Klinknagels:
de klinknagels ter vasthechting van de spalken op het leder zijn uit rood koper met brede kop. De klinknagels tot vasthechting van stalen stukken op staal zijn uit zacht staal, van duraluminium op duraluminium in aluminium of zacht staal; voor de toestellen in roestvrij staal gebruikt men klinknagels uit dezelfde stof. De buisvormige klinknagels voor het vasthechten van de riemen op leder zijn uit messing. Als ze van plastiek zijn, moeten ze beantwoorden aan de onder a) vermelde karakteristieken.
L.2.3.4. Rijgsnoeren:
hetzij in duurzaam leder, hetzij in gevlochten katoen of synthetische vezel uitlopend op een geplastifieerd einde of een nestel.
L.2.3.5. Gespen:
van zacht vernikkeld of geblauwd staal van eerste kwaliteit of van plastiek met een weerstand die gelijkwaardig is met die van de stalen gesp, naar behoren geklonken ofwel met de hand of de machine genaaid.
L.2.3.6. Geledingen:
1. In het algemeen:
De geledingen van de orthopedische- en prothesetoestellen verschillen volgens hun gebruik.
Er bestaan verscheidene types van geledingen:
a) geleding stuk op stuk: de naast elkaar geplaatste spalken worden op hun plaats gehouden met een zogenoemde orthopedische moer of een spanschroef.
In sommige geledingen van dat type kan één van de spalken voorzien zijn van een kogellager.
b) geleding met bekleding: een van de spalken heeft een bekleding waarin de kop van de andere past.
Ze zijn verbonden door een spanschroef.
Geleding met bekleding met kogellager: zelfde karakteristieken als in het vorige lid, doch de tussenspalk is voorzien van een kogellager. De geledingen van de spalken in duraluminium voor volwassenen zijn versterkt met een stuk in staal of nylon.
Sommige geledingen voor toestellen voor kinderen en voorlopige stelten mogen met een uitgesneden en geklonken stuk worden versterkt.
c) geleding met al dan niet geremde schijf.
d) geleding met scharnier.
e) in sommige toestellen van het bovenste lidmaat wordt de geleding gevormd door elkaar kruisende veerdraden.
f) met spil.
2. Speciale geledingen:
a) Bovenste ledematen:
Van de elleboog, met dubbele beweging: geleding welke de korte stompen de volledige buiging van de onderarm op de arm mogelijk maakt.
L.2.3.7. Grendels:
Toestellen met al dan niet automatische pal welke de blokkering van een geleding mogelijk maken.
Ze moeten met een minimum aan omvang en gewicht alle waarborgen van sterkte, van strakheid bieden en zullen aldus gemonteerd moeten zijn dat ze de klederen niet haken, noch drukken.
Het supplement voor de grendel mag niet worden gecumuleerd met het supplement voor knie met rem of fysiologische knie behalve in de specifieke gevallen van knieexarticulatie.
L.2.3.8. Spalken en ringen:
De verstrekkingsspalken en - ringen, enz. moeten in verhouding zijn tot het gewicht en de leeftijd van de zieke en het gebruik waaraan het toestel moet beantwoorden. De ringen moeten stevig op de spalken geklonken of gelast zijn.
L.2.4. Allerlei:
L.2.4.1. Elk toestel moet zo opgevat zijn dat het de zieke niet kan verwonden; de klinknagels, vijzen, enz. mogen de kleding niet beschadigen.
L.2.4.2. De stalen stukken worden vernikkeld, verchroomd, gezandstraald, geplastificeerd, bedekt met speciaal roestwerend vernis of bedekt met leder. Men moet vooral letten op het polijsten van de stukken.
L.2.4.3. De bekleding moet verzorgd zijn. Indien ze moet genaaid worden, moet dit geschieden met vlas of nylondraad, met de hand of met de machine. Het plakken is toegelaten voor de bekleding van effen oppervlakken.
L.2.4.4. Het leder moet zijn natuurlijke kleur behouden, het wordt gereinigd met oxaalzuur, gladgemaakt, opgepoetst en gevernist.
L.2.4.5. De bekleding moet verzorgd zijn. Indien ze moet genaaid worden, moet dit geschieden met vlasdraad of met nylon, met de hand of met de machine. Het plakken is toegelaten voor de bekleding van effen oppervlakken waarbij het plooien van de gelooide huid niet wordt gevergd.
L.2.4.6. De verbindingsnaden van het te mouleren leder moeten in kruissteek uitgevoerd worden, draad onzichtbaar weggewerkt in de dikte van het leder. Wanneer ze niet genaaid zijn dan moeten ze door buitenleder worden verstevigd.
L.2.4.7. 648992-649003: Toestel dat reikt tot de tibiaplateaus, gemouleerd in leder, met metalen of plastieken versterkingen. De opening waardoor het lidmaat wordt gestoken, mag voorzien zijn van een klep. Het distale gedeelte is voorzien van een voet van het type Sach of een gelede voet.
L.2.4.8. alle definitieve buisvormige prothesen moeten met schuimrubber worden bekleed.
L.3. Specifieke minimummaatstaven inzake fabricage voor de productgroep ‘breukbanden en buikgordels’
Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2. Deze gelden voor de productcategorie van de breukbanden en buikgordels.
L.3.1. Breukband met veer:
De veer die het hoofdbestanddeel van deze reeks banden is, moet volgens welbepaalde normen worden vervaardigd.
L.3.1.1. Samenstelling van de veer:
Staalplaat van eerste kwaliteit: uitrekking in ontladen toestand van 10 tot 14 %, in getemperde toestand van 2 %.
Minimale weerstand: 65 kg. De veer moet onvervormbaar getemperd zijn.
L.3.1.2. Vorm:
De dikte van het staal moet verschillen volgens de lengte van de veer en de omvang en fluïditeit van de in te houden breuk en rekening houdende met leeftijd en spiertoniciteit van de patiënt.
De breedte van de veer moet, al naar het geval, verschillen van 9 tot 12 mm.
De lengte en de kragen van de veer moeten precies in overeenstemming zijn met de lichaamsomtrekken waarvoor ze bestemd zijn.
De hoeken moeten afgerond zijn.
L.3.1.3. Bekleding:
De veren moeten bekleed zijn met moleskin (Engels leder), gans katoen, met een minimum gewicht van 250 g per m². De bekleding moet over de ganse lengte gevoerd zijn met een katoen-molton dat een opvulsel moet vormen.
De band die de buitenbekleding van de breukband vormt, moet uit natuurlijke of synthetische gelooide huid van degelijke kwaliteit zijn.
De koker moet uitlopen op een lederen riem, doorboord met spleetgaten.
De kussentjes moeten bekleed zijn met katoenen moleskin of gelooide huid en moeten al naar het geval eivormig, peervormig, ravenbekvormig, anatomisch of van een andere aan het te behandelen geval aangepaste vorm zijn. De uit een hard materiaal gesneden plaat moet met linnen bekleed zijn.
De binnenbekleding moet worden uitgevoerd in een volgens de wetten van de hygiëne behandelde stof, hetzij in vorm gegoten schuimrubber, hetzij kunstpoudrette of een andere onbederfbare stof. De knopen van de kussentjes moeten uit messing of roestvrij staal zijn.
De onderdijstukken moeten van moleskin, wiekkatoen of elastische stof zijn.
L.3.2. Band zonder veer:
De riem en de onderdijstukken van de band zonder veer moeten vervaardigd zijn uit elastieken weefsel, speciaal voor banden, gans katoen, respectievelijk van minimum 35 mm en 18 mm breedte.
Het kussentje is van hetzelfde type en van dezelfde afwerking als voor de banden met veer.
L.3.3. Geneeskundige gordels en riemen:
Het voor de fabricage van de medisch-heelkundige gordels en riemen gebruikte materiaal moet van eerste klasse zijn, mag geen gebrek vertonen en mag geen behandeling hebben ondergaan waardoor het gebrek zou kunnen verheeld worden.
De kwaliteit van het gebruikte materiaal, alsmede de fabricage zelf, moeten op elk ogenblik, en in de verscheidene stadia van de fabricage, kunnen gecontroleerd worden.
De gordels en riemen moeten onder de beste voorwaarden inzake stevigheid vervaardigd worden waarbij het welzijn van de zieke wordt nagestreefd. Hun algemeen uitzicht moet zuiver en verzorgd zijn. De niet elastieken gedeelten moeten bestaan uit sterk weefsel, gans katoen of met maximum 20 % kunstvezel.
De elastieken gedeelten moeten gemaakt zijn hetzij uit geruit of gevulcaniseerd elastieken weefsel, hetzij uit elastisch tricot, sterk geribd of tule-tricot.
Het ruitenweefsel is samengesteld uit een schering en een inslag in katoendraad, met in de schering 8 tot 10 rubberdraden per cm. De scheringdraden moeten minimum 4-draads gesponnen katoendraden zijn.
De gordels moeten worden gemonteerd door een rationeel ineenzetten van de verscheidene delen waaruit ze bestaan. De gebruikelijke voorzorgen moeten worden genomen bij het stikken in de elastieken gedeelten teneinde de gomdraden niet over te snijden.
Het baleinen moet geschieden met tegen oxydatie beschermde veren die hetzij met als serge bewerkte stof of met kunstkatoen, hetzij met gom bewerkt weefsel, hetzij met huid zijn bedekt.
L.4. Specifieke minimummaatstaven inzake fabricage voor de productgroep ‘toerusting na totale of gedeeltelijke mammectomie of in geval van unilaterale agenesie’
Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2. Deze gelden voor de productcategorie van toerustingen na totale of gedeeltelijke mammectomie of in geval van unilaterale agenesie.
L.4.1. Postoperatieve borstprothese
-dient vormhoudend te zijn;
-is gevuld met polyesterwatten;
-mogelijkheid tot volumevergroting;
-mag geen naden in contact met de huid hebben;
-moet een zacht gecapitonneerde achterwand hebben;
-moet in minimum 5 maten beschikbaar zijn.
L.4.2. Borstprothese
L.4.2.1. Algemene voorwaarden voor de volledige borstprothesen :
-de borstprothese benadert de anatomische vorm van de natuurlijke borst;
-wordt geleverd in een opbergdoos met voorgevormde inleg;
-moet in minimum 8 maten beschikbaar zijn;
-het inspuitdeel moet volledig vlak zijn;
-de gelaste naden moeten over voldoende drukweerstand beschikken;
L.4.2.2. Bijzondere voorwaarden voor de volledige borstprothesen :
a) Niet-klevende borstprothese :
-bestaat uit één of meer siliconenstructuren gevat in een omhulsel van polyurethaanfolie;
-beschikt over een uitholling aan de lichaamszijde.
b) Niet-klevende meerlagige borstprothese :
-bestaat uit minstens twee lagen siliconen van verschillende densiteit die onderling gescheiden zijn door een polyurethaanfolie. Het geheel is gevat in een omhulsel van polyurethaanfolie.
-de siliconenlaag langs de lichaamszijde dient de anatomische vorm van het lichaamsoppervlak aan te nemen.
c) Zelfklevende borstprothese :
-moet voldoen aan de voorwaarden vermeld onder de punten a) en b);
-is voorzien van een permanente zelfhechtende siliconenfilm (kleeflaag).
d) Borstprothese met kleefstripsysteem :
-moet voldoen aan de voorwaarden vermeld onder de punten a) en b);
-is voorzien van een klittenbandhechting voor de kleefstrips.
L.4.2.3. Voorwaarden voor de gedeeltelijke borstprothesen :
a) Gedeeltelijke niet-klevende borstprothese :
-bestaat uit een siliconengel gevat in een omhulsel van polyurethaanfolie;
-omvat het gedeelte van de borst in verhouding met het geamputeerde gedeelte;
b) Gedeeltelijke zelfklevende borstprothese :
-bestaat uit een siliconengel gevat in een omhulsel van polyurethaanfolie;
-omvat het gedeelte van de borst in verhouding met het geamputeerde gedeelte;
-is voorzien van een permanente zelfhechtende siliconenfilm (kleeflaag).
L.4.2.4. Verzorgingsset voor de zelfklevende borstprothese :
bestaat uit :
-een reinigingsmiddel voor de prothese met een minimale inhoud van 150 ml.
-een reinigingsmiddel voor de huid met een minimale inhoud van 150 ml.
-de driemaandelijkse (volledige prothese) of zesmaandelijkse (gedeeltelijke prothese) dotatie omvat steeds het geheel van de vorengenoemde producten.
L.5. Specifieke minimummaatstaven inzake fabricage voor de productgroep ‘therapeutische elastische armkousen en handschoenen’
Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2. Deze gelden voor de productcategorie van de therapeutische elastische armkousen en handschoenen.
De therapeutisch elastische armkous en handschoen:
a) hebben een kwikdruk van minstens 15 mm;
b) mogen geen huidirritaties veroorzaken;
c) moeten vormvast zijn;
d) moeten eenvoudig onderhoudbaar zijn;
e) moeten rekbaar zijn in de breedte en lengte;
f) mogen geen drukkende naden hebben aan de binnenzijde;
g) dienen beschikbaar te zijn in een voldoende uitgebreid assortiment van standaardmaten.
Bijkomend is de therapeutisch elastische armkous:
h) voorzien van een schouderband of lus voor BH of siliconen strip.
L.6. Specifieke minimummaatstaven inzake fabricage voor de productgroep ‘therapeutische elastische beenkousen’
Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2. Deze gelden voor de productcategorie van de therapeutische elastische beenkousen.
De therapeutische elastische beenkousen moeten voldoen aan de volgende normen :
Compressie:klasse
Compressie op enkelniveau:Hpa
Compressie op enkelniveau:mmHgd
Compressie:II (normaal)
Compressie op enkelniveau:31-43
Compressie op enkelniveau:23-32
Compressie:III (sterk)
Compressie op enkelniveau:45-61
Compressie op enkelniveau:34-46
Compressie:IV (extra sterk)
Compressie op enkelniveau:65 >
Compressie op enkelniveau:49 >
L.7. Specifieke minimummaatstaven inzake fabricage voor de productgroep ‘lumbostaten’
Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2. Deze gelden voor de productcategorie van de lumbostaten.
In tijk en metaal :
De lumbostaat moet vervaardigd worden uit zeer sterk tijk, nl. speciale tijk voor orthopedie en uit sterk elastiek volgens het model en het geval.
Hij moet gewapend zijn met veren uit staal dat behoorlijk getemperd is zodat het onvervormbaar is, met voor elk geval passende baleinen en snoeren, wat het geheel de nodige stijfheid geeft.
De correctie, volgens het voorschrift, wordt verkregen door de wijze waarop het corset is opgevat, gesneden en ineengezet, vervolgens afgewerkt rekening houdende met de verbeteringen welke blijken bij het aanpassen.
Hij moet uit tijk zijn met volle rug, met sluiting vooraan of aan beide zijden; 6 veren, waarvan 4 met een breedte van 13 mm en tenminste 2 van 20 mm, moeten het ruggedeelte versterken.
In uitzonderlijke gevallen waarin het, ten gevolge van de corpulentie van de rechthebbende, niet mogelijk is vier veren van 13 mm breedte te plaatsen, mag het aantal worden verminderd, maar er moet een perfecte stijfheid verzekerd zijn.
In bepaalde gevallen moet hij worden versterkt met brede paravertebrale veren van 25 mm breedte, die een rechthoek vormen of met een stijve rugplaat.
L.8. Specifieke minimummaatstaven inzake fabricage voor de productgroep ‘zitorthesen DLFO/LFO’
Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2. Deze gelden voor de productcategorie van de zitorthesen DLFO/LFO.
L.8.1. Individueel op maat gemaakte zitorthese:
De zitorthese is omvattend (d.w.z. minstens aan één zijde de helft van de romp in de diepte omvattend) zodat zoveel mogelijk lichaamsvlakken ondersteund worden en de houding georiënteerd wordt. De basisvorm van deze orthese kan, in functie van de beoogde behandeling, in één of meerdere delen worden opgebouwd die onderling verbonden zijn. Indien instelbare heupflexie en/of -extensie nodig is, wordt een heupscharnier met sector op de zitorthese bevestigd. Door deze opbouw, is de rugleuning kantelbaar t.o.v. de zit. De zitorthese kan in haar geheel gekanteld worden door het kantelsysteem van het onderstel.
De buitenschaal van de zitorthese is gevormd uit een vormvast materiaal en kan eventueel een vaste abductiegolf of klos bevatten. Deze buitenschaal kan in verschillende segmenten worden opgedeeld. De binnenzijde is gevormd uit een comfortabel materiaal en dit in functie van de beoogde noden.
L.8.2. Individueel op maat gemaakte toebehoren:
658490-658501 Anatomisch gevormde hoofdsteun
De hoofdsteun is op maat gemaakt, ondersteunt het hoofd en is uitgevoerd met een therapeutisch gerichte steun. De hoofdsteun wordt op de rugleuning van de zitorthese bevestigd. (te combineren met verstrekking 658814 - 658825 of 658836 - 658840).
658512-658523 Anatomisch gevormde bovenarmsteun (per lidmaat)
De armsteun is op maat gemaakt en maakt deel uit van de zitorthese.
658534-658545 Anatomisch gevormde onderbeensteun (per lidmaat)
De beensteun maakt deel uit van de zitorthese.
Het bestaat uit een gevormd segment met bekleding. Het geheel dient afgewerkt te worden met leder, skai, alcantara, coating of een ander gelijkwaardige stof. Voor de kinderen dient de voetplaat in hoogte aanpasbaar te zijn en dit om het groeiproces te volgen.
658556-658560 Voetplaat (per voet)
Plaat die de voet ondersteunt en in de hoogte aanpasbaar is. Op deze voetplaat kan een gevormd voetsegment worden gemonteerd.
658571-658582 ééndelig gevormd bilateraal onderbeensteun inclusief voetplaat
Deze beensteun is ééndelig en omvat beide benen. Het is opgebouwd uit een dorsale plaat en wordt in zijn geheel verbonden met de zitorthese. Dit onderdeel bevat eveneens een voetplaat.
658593-658604 Gevormde voetsteun met voet- en/of anatomisch gevormde enkelfixatie (per voet)
Het voetsegment met fixatie is gevormd met opkant en kan voorzien zijn van een verstelbaar riempje ter fixatie van de voet. Deze steun wordt gepositioneerd op de voetplaat.
658615-658626 Tafelblad op maat met fixatiesysteem (doelgroep A1)
Het tafelblad bestaat uit een plaat in kunststof, hout, metaal of gelijkaardig materiaal, aangepast aan de vorm van de zitorthese en het wordt gefixeerd op de zitorthese of het onderstel. Het tafelblad is verstelbaar in hoogte en kantelbaar en/of afneembaar.
658630-658641 Afneembare abductieklos, bevestigd op de zit
De abductieklos is afneembaar middels drukknop of gelijkaardig systeem en is gemonteerd op de zitorthese. Deze klos is zowel wat betreft de hoogte als de breedte aangepast aan de noden van de rechthebbende.
658652-658663 Rigide verstelbare infra-pattelaire steunbeugel voor standafwijking van de heup en/of bekkenfixatie
De infrapattelaire ondersteuning is een kniesteun die rigide en instelbaar is.
658674-658685 Rigide verstelbare suprafemorale steunbeugel
De rigide regelbare suprafemorale steun is een dijbeensteun die rigide en instelbaar is.
658696-658700 Afneembare rugleuning (doelgroep A1)
De afneembare rugleuning bestaat uit minimum 2 stangen of evenwaardig systeem, dat vastgemaakt wordt op het ruggedeelte. De rugleuning met fixatie is verbonden met het lumbale gedeelte van de zitorthese middels een individueel geplaatste bevestiging. De rugleuning is afneembaar waarbij een segment van 1/3 tot 2/3 van de rugleuning op een eenvoudige manier kan verwijderd worden.
L.8.3. Individueel op maat aangepaste componenten
658711-658722 Geleding heup (per mechanische rotatie as)
De geleding is een uit metaal samengesteld gewricht, dat de mogelijkheid biedt het heupgewricht bijkomend te plooien of te strekken. Wanneer de beweging van beide ledematen niet onafhankelijk kan gebeuren, mag er maar één geleding worden aangerekend.
658733-658744 Geleding knie (per mechanische rotatie as)
De geleding is een uit metaal samengesteld gewricht, dat de mogelijkheid biedt het kniegewricht bijkomend te plooien of te strekken. Wanneer de beweging van beide ledematen niet onafhankelijk kan gebeuren, mag er maar één geleding worden aangerekend.
658755-658766 Geleding enkel (per mechanische rotatie as)
De geleding is een uit metaal samengesteld gewricht dat de mogelijkheid biedt het enkelgewricht in te stellen. Wanneer de beweging van beide ledematen niet onafhankelijk kan gebeuren, mag er maar één geleding worden aangerekend.
658770-658781 Grendel (per mechanische rotatie as)
De grendel, is een, op de geleding gemonteerd onderdeel, dat de mogelijkheid biedt een gewricht in een welbepaalde hoek te blokkeren. Wanneer de beweging van beide ledematen niet onafhankelijk kan gebeuren, mag er maar één grendel worden aangerekend
658792-658803 Sector (per mechanische rotatie as)
De sector maakt deel uit van het mechanische gewricht en laat toe het gewricht in verschillende hoeken in te stellen. Wanneer de beweging van beide ledematen niet onafhankelijk kan gebeuren, mag er maar één sector worden aangerekend.
658814-658825 1-assig hoofdsysteem
Het 1-assig hoofdsysteem is een systeem, dat enkel in de hoogte verstelbaar is en dit via een op de zitorthese gemonteerd verstelbaar metalen geleidingssysteem. Het beschikt steeds over een eenvoudige hoofdsteun uit veiligheidsoverwegingen bij het verplaatsen van de patiënt.
658836-658840 3-assig hoofdsysteem
Het 3-assig hoofdsysteem is een systeem dat toelaat om de hoofdsteun in 3 assen in te stellen (hoogte, inclinatie en voor-achterwaarts) en dit via een op de zitorthese gemonteerd verstelbaar metalen geleidingssysteem. Het beschikt steeds over een eenvoudige hoofdsteun uit veiligheidsoverwegingen bij het verplaatsen van de patiënt.
658851-658862 Bekkenfixatie
De bekkengordel is opgebouwd uit een band, met polsteringen ter hoogte van de bekkenkam. De fixatie op de zitschaal gebeurt middels twee instelbare riemen.
658873-658884 Thoraxfixatie
De thoraxfixatie bestaat uit een borstplaat of thoraxvestje in zachte stof, leder of ander gelijkwaardig product, met fixatie ter hoogte van de thorax en/of het bekken en/of zijdelings aan de zitorthese.
658895-658906 Schouderfixatie (per schouder)
De schouderfixatie bestaat uit een riem en/of steunbeugel, die één of beide schouders fixeert.
L.8.4. Prefab toebehoren
658910-658921 Prefab kameronderstel met trapezium fixatie of gelijkaardig bevestigingssysteem tot de 18de verjaardag (doelgroep A1)
Dit toebehoren wordt beperkt tot de doelgroep A1. Het prefab kameronderstel is een systeem met minstens 4 kleine wielen, dat toelaat om het kind binnenshuis in de zitorthese te verplaatsen. De fixatie van de zitorthese op het onderstel gebeurt middels een meegeleverd tussenstuk, waardoor de orthese gemakkelijk kan worden verwijderd. Er is tevens een inclinatiesysteem voorzien. Eventueel is er ook een duwstang aanwezig. De keuze gebeurt in functie van de functionele en biomechanische criteria alsook van de gestalte en het gewicht van de rechthebbende.
L.9. Specifieke minimummaatstaven inzake fabricage voor de productgroep ‘drukkledij’
Deze specifieke bepalingen gelden bovenop de algemene bepalingen van L.2. Deze gelden voor de productcategorie van de drukkledij.
L.9.1. De drukkledij is steeds vervaardigd uit gebreid of geweven elastisch materiaal. Ze kan bestaan uit volledig textiel of uit een combinatie van textiel en silicone of van plastiek en silicone.
L.9.2. De drukkledij in textiel waarborgt steeds een constante, gelijke druk over het te behandelen huidoppervlak, met een minimum druk van 20 mm Hg gedurende minimum 3 maanden.
L.9.3. De kledij in silicone is een additief occlusief contactmedium vervaardigd op maat na tweedimensionale maatname op patroon uit een samenstelling van een elastische stof en biocompatibele medische silicone, met een levensduur van minimum 3 maanden.
L.9.4. De prefab silicone pelotte is een drukkussen of een plaat vervaardigd uit biocompatibele medische silicone, elastisch, UV-blokkerend, met een levensduur van minimum 10 weken.
L.9.5. De verstrekkingen in silicone op maat en de correctief silicone handschoen zijn vervaardigd na driedimensionale maatname uit biocompatibele medische silicone, inert en occlusief. De biocompatibele medische silicone wordt tot een geheel gevulkaniseerd.
De verstrekkingen in silicone op maat en de correctief silicone handschoen moeten een levensduur van minimum 6 maanden hebben.
De verstrekkingen op maat die betrekking hebben op silicone pelotten en op opblaasbare drukpelotten in silicone (verstrekkingen 641970-641981 tot en met 642154-642165, 642795-642806 tot en met 642832-642843, 643554-643565 tot en met 643591-643602, 644453-644464 tot en met 644490-644501, en 644711-644722 tot en met 644755-644766) worden na driedimensionale maatname vervaardigd.
L.9.6. Een masker, halsbandage en thoraxplaat zijn steeds op maat vervaardigd door middel van een gipsmaatname of driedimensionale maatname. Ze zijn vervaardigd uit een co-polyester met goede optische eigenschappen om de evolutie van de huid te kunnen evalueren. Deze drukplaten kunnen gecombineerd worden met een silicone binnenlaag dewelke moet voldoen aan de voorwaarden genoemd in L.9.4. Een masker en halsbandage kunnen ook bestaan uit een op maat vervaardigde silicone gelaats- of halsbedekking die ook moet voldoen aan de voorwaarden genoemd in L.9.4.
L.9.7. De kledij moet worden uitgerust met alle noodzakelijke beschermingen om te voorkomen dat er wonden worden veroorzaakt, meer bepaald ter hoogte van de ritssluiting en de andere metalen stukken waaruit de kledij bestaat.
De vesten zijn van een rits- of andere sluiting voor- of achteraan voorzien.
De axillaire regio's zijn van een extra zachte afwerking of binnenbekleding voorzien.
De halsuitsnijding heeft een randbescherming.
De dijkousen worden met een antislipband afgewerkt.
L.9.8. De aantrekhoes is een hoesje gemaakt van zeer glad materiaal dat bewerkt is met een speciale coating en is dubbellaags. Deze eigenschappen zorgen samen voor een ultraglad eindproduct met een hoge wrijvingsreductie
L.9.9. De handschoen, met vingers, in geval van lymfoedeem (verstrekking 644932-644943), is een maatwerk handschoen in vlakbrei met een compressieklasse van minstens 18 mm Hg.
Worden geacht in de bevoegdheid van de Orthopedisch technologenin de bandagisterie en orthesiologie (O) te vallen
| Categorie | Attribuut | Relatie | Detail | Geldig |
|---|---|---|---|---|
| Codenummer | 641211 | Het effectief overeenstemmend codenummer | Het overeenstemmend codenummer bestaat | 2013-12-01 - Actief |
| Codenummer | 641211 | Het theoretisch overeenstemmend codenummer | Het overeenstemmend codenummer bestaat | 2013-12-01 - Actief |
| Regel | Voorschrift/prescription | Een voorschrift is vereist | Arts | 2025-07-01 - Actief |
| Regel | Kwalificatie/Qualification | De verstrekking is aanrekenbaar door de verstrekker met : | Orthopedisch technologen in de bandagisterie en orthesiologie (O) | 2025-07-01 - Actief |
| Tarificatie | Coëfficientgetal/nombre-coefficient | Basisgegeven voor facturatie | Het coëfficientgetal geeft de betrekkelijke waarde van elke verstrekking aan | 2013-12-01 - Actief |
| Tarificatie | Sleutelletter/Lettre clé | Basisgegeven voor facturatie | De sleutelletter is een teken waarvan de waarde bij overeenkomst wordt bepaald: deze waarde kan voor elke sleutelletter verschillen | 2013-12-01 - Actief |
| Tarificatie | Sleutelletter/Lettre clé | Basisgegeven voor facturatie | De sleutelletter is O voor de verstrekkingen welke tot de bevoegdheid behoren van orthopedisch technologen | 2025-07-01 - Actief |
| Categorie | 2 | Type van het codenummer : ambulant, gehospitaliseerd of neutraal | Gehospitaliseerd | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | 0 | Subcategorie van het codenummer | Het betreft een nomenclatuurcode | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | Maatwerk,Prefab of IMF/Sur mesure, préfab ou IMF | Specifieke categorie_ART27/1 | Een handgemaakte toestel (maatwerk) : dit zijn toestellen die worden gefabriceerd op basis van grondstroffen en/of losse onderdelen en die individueel worden vervaardigd volgens de maten van de patiënt (custom made) | 2025-07-01 - Actief |
| Categorie | Categorie berekening der tarieven/Catégorie calcul des tarifs | Tarievencategorie paramedici | Tarievencategorie : Orthopedisch technologen in de bandagisterie en orthesiologie (27/1) | 2025-07-01 - Actief |
| Categorie | Categorie berekening der tarieven/Catégorie calcul des tarifs | Tarievencategorie totaal | Tarievencategorie : Totaalgroep van de Paramedici | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | Tarievendocument/Document tarifs | Tarievendocument | Tarieven; Artikel 27/1 : Orthopedisch technologen in de bandagisterie en orthesiologie | 2025-07-01 - Actief |
| Categorie | CATTAR | Berekeningscategorie tarieven | Er is geen nationale overeenkomst | 2025-07-01 - Actief |
| Categorie | CATTAR | Berekeningscategorie tarieven | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker met overeenkomst | 2025-07-01 - Actief |
| Categorie | CATTAR | Berekeningscategorie tarieven | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker zonder overeenkomst | 2025-07-01 - Actief |
| Categorie | 21 | Boekhoudplan Riziv | Code boekhoudgroep | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | Verzorging door orthopedisten_Soins par orthopédistes | Boekhoudplan Riziv | Boekhoudgroep | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | Drukkledij_Vêtements compressifs | Boekhoudplan Riziv | Detail boekhoudgroep | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | 21020 | Boekhoudplan Riziv | Detailcode boekhoudgroep | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | 3 | Codificatie BEDRAGEN : Inhoud facturatie | Bedragen + (positief) | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | 3 | Codificatie AANTAL GEVALLEN : Inhoud facturatie | Aantal gevallen + (positief) | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | 3 | Codificatie AANTAL DAGEN : Inhoud facturatie | Aantal dagen : nihil | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | DOCN : Yes | DOCN yes/no | Codenummer opgenomen in de documenten N | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | N70 | Groep n | Toestellen | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie | N70_04 | Subgroep n | Drukkledij (ex-materieel zwaar verbranden - nieuwe codes) | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Vergoeding | Gecoördineerde wet van 1994/Loi coordonnée de 1994_ART37§05 | Specificatie van de wettelijke bron van het persoonlijk aandeel voor de voorkeurgerechtigde rechthebbende | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende met voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Vergoeding | Gecoördineerde wet van 1994/Loi coordonnée de 1994_ART37§05 | Specificatie van de wettelijke bron van het persoonlijk aandeel voor de niet-voorkeurgerechtigde rechthebbende | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende zonder voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Vergoeding | Er is geen remgeld - il n'y a pas de ticket modérateur | Is er een persoonlijk aandeel van de rechthebbende van toepassing of niet ? | Er is geen persoonlijk aandeel van toepassing | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Vergoeding | Er is geen remgeld / Il n'y a pas de ticket modérateur | Het persoonlijk aandeel van de rechthebbende met voorkeurregeling : een bedrag of % | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende met voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Vergoeding | Er is geen remgeld / Il n'y a pas de ticket modérateur | Het persoonlijk aandeel van de rechthebbende zonder voorkeurregeling : een bedrag of % | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende zonder voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Vergoeding | KB Paramedici_vergoedingsbedragen/ AR Paramédicaux_taux de remboursement_ART01 | Specificatie van de wettelijke bron van het vermindering van de tegemoetkoming | Vermindering van de tegemoetkoming indien de verstrekker niet-geconventioneerd is : 25% | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Vergoeding | Vermindering van de tegemoetkoming voor rechthebbenden zonder voorkeurregeling en indien de verstrekker niet-geconventioneerd is/Taux de remboursement reduit pour des bénéficiaires sans régime préférentiel et en cas de prestataire non-conventionné | Een vermindering is van toepassing | Vermindering van de tegemoetkoming indien de verstrekker niet-geconventioneerd is : 25% | 2013-12-01 - Actief |
| Omschrijving | KIN.HALSBAND.TEXTIEL | Ultrakorte omschrijving van het codenummer | Nederlands | 2013-12-01 - Actief |
| Omschrijving | BAND.MENTON.COU.TEXT | Ultrakorte omschrijving van het codenummer | Frans | 2013-12-01 - Actief |
| Categorie Tarief | 0 | TARIEFCODE - Basis : | Honorarium | 2013-12-01 - Actief |
| lijst | LIJST VOORSCHRIFT/LISTE PRESCRIPTION | Lijst van prestaties waarvoor een voorschrijver op de factuur moet vermeld worden | Ingeval van vernieuwing geen voorschrijver vereist | 2013-12-01 - Actief |
| % | 25 | Een vermindering is van toepassing | Vermindering van de tegemoetkoming indien de verstrekker niet-geconventioneerd is : 25% | 2013-12-01 - Actief |
| Bedrag | 0 | Het persoonlijk aandeel voor de voorkeurgerechtigde rechthebbende, bedrag in EUR | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende met voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Bedrag | 0 | Het persoonlijk aandeel voor de niet-voorkeurgerechtigde rechthebbende, bedrag in EUR | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende zonder voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode | 3510 | Tariefcode van het persoonlijk aandeel voor voorkeurgerechtigden | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende met voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode | 3530 | Tariefcode van het persoonlijk aandeel voor voorkeurgerechtigden | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende met voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode | 3810 | Tariefcode van het persoonlijk aandeel voor niet-voorkeurgerechtigden | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende zonder voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode | 3830 | Tariefcode van het persoonlijk aandeel voor niet-voorkeurgerechtigden | Er is geen persoonlijk aandeel voor de rechthebbende zonder voorkeurregeling | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode | 3830 | Tariefcode van de vermindering van de tegemoetkoming voor niet-voorkeurgerechtigden | Vermindering van de tegemoetkoming indien de verstrekker niet-geconventioneerd is : 25% | 2013-12-01 - Actief |
| Bevoegdheidscode | OPGELET/ATTENTION | Bevoegdheidscodes algemeen - onvolledigheid | Opgelet : de data met betrekking tot de bevoegdheidsodes is nog in fase opbouw. Deze gegevens kunnen dus onvolledig zijn. Opmerkingen : nomen@riziv-inami.fgov.be | 2013-12-01 - Actief |
| Bevoegdheidscode | OPGELET/ATTENTION | Bevoegdheidscodes algemeen - accuraatheid | Opgelet : deze data is op dit ogenblik louter indicatief, en vervangt op geen enkele wijze de van toepassing zijnde reglementeringen. | 2013-12-01 - Actief |
| Bevoegdheidscode | 000 | Basisbevoegdheidscode van de verstrekker | 000 : Technologue orthopédique en bandagisterie et orthésiologie - Dérogation | 2013-12-01 - Actief |
| Bevoegdheidscode | 001 | Basisbevoegdheidscode van de verstrekker | 001 : Technologue orthopédique en bandagisterie et orthésiologie - Agrément | 2013-12-01 - Actief |
| Combi code ambu-hospi | 641211 - 641222 | De effectieve combinatie van het ambulant en gehospitaliseerd codenummer | Het overeenstemmend codenummer bestaat | 2013-12-01 - Actief |
| Combi code ambu-hospi | 641211 - 641222 | De theoretische combinatie van het ambulant en gehospitaliseerd codenummer | Het overeenstemmend codenummer bestaat | 2013-12-01 - Actief |
| Onderverdeling document tarieven | T.ORT_271.J.1.GP1.1.M. | Link tussen CATTAR en Boom Tarievendocument 02 | Er is een nationale overeenkomst | 2025-07-01 - Actief |
| Onderverdeling document tarieven | T.ORT_271.J.1.GP1.1.M. | Link tussen CATTAR en Boom Tarievendocument 04 | Er is geen nationale overeenkomst | 2025-07-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 0 | Honorarium | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker met overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 0 | Honorarium | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker zonder overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 1510 | Tegemoetkoming rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker met overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 1530 | Tegemoetkoming rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker zonder overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 1810 | Tegemoetkoming rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker met overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 1830 | Tegemoetkoming rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker zonder overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 3510 | Persoonlijk aandeel rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker met overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 3530 | Persoonlijk aandeel rechthebbenden met voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker zonder overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 3810 | Persoonlijk aandeel rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker met overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker met overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 3830 | Persoonlijk aandeel rechthebbenden zonder voorkeurregeling - verstrekker zonder overeenkomst | Er is een nationale overeenkomst - verstrekker zonder overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 532 | Terugbetalingsbasis | Er is geen nationale overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 1300 | Tegemoetkoming rechthebbenden met voorkeurregeling | Er is geen nationale overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 1600 | Tegemoetkoming rechthebbenden zonder voorkeurregeling | Er is geen nationale overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 3300 | Persoonlijk aandeel rechthebbenden met voorkeurregeling | Er is geen nationale overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Tariefcode - groepen | 3600 | Persoonlijk aandeel rechthebbenden zonder voorkeurregeling | Er is geen nationale overeenkomst | 2013-12-01 - Actief |
| Boomstructuur tarievendocument | T.ORT_271 | Boomstructuur tarievendocument - Tak niv. 000 | Tarieven in EUR voor orthopedisch technologen in de bandagisterie en orthesiologie | 2025-07-01 - Actief |
| Boomstructuur tarievendocument | T.ORT_271.J. | Boomstructuur tarievendocument - Tak niv. 001 | J. Drukkledij | 2025-07-01 - Actief |
| Boomstructuur tarievendocument | T.ORT_271.J.1. | Boomstructuur tarievendocument - Tak niv. 002 | J.1. Verstrekkingen | 2025-07-01 - Actief |
| Boomstructuur tarievendocument | T.ORT_271.J.1.GP1. | Boomstructuur tarievendocument - Tak niv. 003 | Hoofdgroep I : Hoofd | 2025-07-01 - Actief |
| Boomstructuur tarievendocument | T.ORT_271.J.1.GP1.1. | Boomstructuur tarievendocument - Tak niv. 003b | Basisverstrekkingen | 2025-07-01 - Actief |
| Boomstructuur tarievendocument | T.ORT_271.J.1.GP1.1.M. | Boomstructuur tarievendocument - Tak niv. link codes | Maatwerk | 2025-07-01 - Actief |
| Beroepsgroep | Orthopedisch technoloog/Technologues orthopédiques | Beroepsgroep verstrekker | Orthopedisch technoloog | 2025-07-01 - Actief |
| Algemene informatie | zesde staatshervorming_sixième réforme de l’Etat | Bevoegdheid van de federale overheid ofwel bevoegdheid van de gemeenschappen en de gewesten | Bevoegdheid van de federale overheid | 2014-07-01 - Actief |
kin- en halsbandage - textiel
kin- en halsbandage - textiel